**1..** De belasting als bedoeld in artikel 2 is verschuldigd aan het einde van het belastingtijdvak.
**2..** Indien het belastingtijdvak minder dan twaalf maanden bedraagt, is de belasting verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten als er in dat tijdvak, na het tijdstip van de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**3..** Indien de belasting als bedoeld in artikel 2 bij wege van aanslag wordt geheven, is de belasting verschuldigd bij het begin van het belastingjaar, of zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
**4..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt en de belasting wordt bij wege van aanslag geheven, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**5..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt en de belasting wordt bij wege van aanslag geheven, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**6..** Het vierde en vijfde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt.
Artikel 9
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing