In deze regeling wordt verstaan onder:
woonadres:
het adres waar betrokkene woont, waaronder begrepen het adres van een woning die zich in een voertuig of vaartuig bevindt, indien het voertuig of vaartuig een vaste stand- of ligplaats heeft, of, indien betrokkene op meer dan één adres woont, het adres waar hij naar redelijke verwachting gedurende een half jaar de meeste malen zal overnachten (artikel 1.1, onder o, 1º, Wet BRP);
het adres waar, bij het ontbreken van een adres als bedoeld onder a, betrokkene naar redelijke verwachting gedurende drie maanden ten minste twee derde van de tijd zal overnachten (artikel 1.1, onder o, 2º, Wet BRP);
briefadres: het adres waar voor betrokkene bestemde geschriften in ontvangst worden genomen (artikel 1.1, onder p, Wet BRP) en waar de briefadresgever zorg draagt dat voor de houder van het briefadres bestemde geschriften of inlichtingen daarover, aan hem worden doorgegeven of medegedeeld (artikel 2.45, lid 3 Wet BRP);
briefadresgever: de natuurlijke persoon of rechtspersoon (bedoeld in artikel 2.42 van de Wet BRP), die een briefadres ter beschikking stelt (artikel 1.1, onder r Wet BRP);
briefadreshouder: de ingezetene in de Basisregistratie Personen die een briefadres houdt;
gezinshuishouden:
twee personen die volgens de Basisregistratie Personen een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan of gehuwd zijn, met of zonder kind(eren);
twee personen die door het overleggen van een door een notaris opgemaakt samenlevingscontract hebben aangetoond, dat zij een gemeenschappelijke huishouding voeren, met of zonder kind(eren);
een alleenstaande ouder met kind(eren).