**1..** Het college toetst, alvorens een persoonsgebonden budget toe te kennen of aan de volgende voorwaarden is voldaan:
de cliënt is naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat de aan een persoonsgebonden budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. Is de cliënt niet zelf in voldoende mate in staat tot een redelijke waardering van zijn belangen, dan kan iemand uit zijn sociale netwerk of zijn vertegenwoordiger hem daarin bijstaan;
de cliënt geeft gemotiveerd aan dat hij de maatwerkvoorziening als PGB geleverd wenst te krijgen;
naar het oordeel van het college in het concrete geval is gewaarborgd dat de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden verstrekt en het college weegt mee of ze in redelijkheid geschikt zijn voor het doel waarvoor het persoonsgebonden budget wordt verstrekt.
**2..** Is niet aan de in het eerste lid gestelde voorwaarden voldaan, dan wordt een persoonsgebonden budget geweigerd.
**3..** Met de budgethouder worden afspraken gemaakt over het persoonsgebonden budget alsmede over de verwachte kwaliteit daarvan.
**4..** De budgethouder houdt zelf toezicht op de kwaliteit van de dienstverlener. Indien sprake is van calamiteiten wordt de toezichthoudend ambtenaar als bedoeld in artikel 19 van de verordening daarbij betrokken.
Hoofdstuk 4
Artikel 12.