Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 12

Verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen met gevolgen voor de bijstand

Onderdeel van Maatregelenverordening WWB

Lid 1 In artikel 17, eerste lid, WWB is bepaald dat belanghebbende op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling doet van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op zijn arbeidsinschakeling of het recht op bijstand. De ernst van de gedraging komt tot uitdrukking in de hoogte van het benadelingsbedrag. Dat is het door de gemeente teveel betaalde bedrag aan bijstand. Lid 2 De maatregel wegens het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 17 van de WWB wordt afhankelijk gesteld van de hoogte van het bedrag aan bijstand dat als gevolg van de schending van die verplichting ten onrechte of te veel aan de belanghebbende is betaald. Lid 3 Onder het huidige boeteregime bestaat de verplichting voor gemeenten om proces-verbaal op te maken en aangifte te doen bij het Openbaar Ministerie indien er sprake is van fraude en het benadelingsbedrag hoger is dan € 6000,00. Het is de bedoeling dat deze taakverdeling tussen gemeenten en het OM blijft bestaan, ook al kent de WWB de bestuurlijke boete niet en zullen gemeenten bij fraude (in casu het niet nakomen van de inlichtingenplicht) een maatregel moeten opleggen. Er kan niet worden overgegaan tot het opleggen van een maatregel indien het OM inmiddels een sanctie heeft opgelegd. Het “una-via” beginsel (geen samenloop van sancties op dezelfde onrechtmatige gedraging dan bij beslissing van één enkel overheidsorgaan) kan zich daartegen verzetten. De Centrale Raad van Beroep heeft zich in het (recente) verleden geregeld uitgesproken tegen “dubbele bestraffing”. Lid 4 Indien de uitkering reeds is beëindigd is het niet meer mogelijk om een maatregel in de toekomst op te leggen. In de gevallen dat er gefraudeerd is met gevolgen voor de bijstand dient er een maatregel te worden geheven over de bijstandsnorm welke gold ten tijde van de gedraging. Hierbij dienen de benadelingsbedragen, percentages en perioden van artikel 12 lid 2 van deze verordening gehanteerd te worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel