** 1. .** De subsidie op het gebied van amateurkunst wordt berekend op grond van de volgende subsidiabele elementen:
Een bijdrage van 20% in de kosten van de professionele leiding;
Een bijdrage van 75% in de kosten van aansluiting bij één koepelorganisatie. Tot deze kosten behoren het lidmaatschap, de Buma-bijdrage, de auteurs- en uitgeverskosten (exclusief copyright voor bladmuziek) en het bonds-of koepelblad;
Een bijdrage voor een muziekvereniging (of onderdeel daarvan) voor: Harmonie, Fanfare, Brassband, Showkorps, Drumfanfare:
Senioren c.q. A-orkest € 2.150,-,
Junioren c.q. B-orkest, met een minimum van 15 leden € 975,-,
Een bijdrage voor Drumsecties, Tamboerkorpsen, Trompetterkorpsen, Slagwerksecties:
Senioren-c.q. A-orkest € 1.360,-,
Junioren c.q. B-orkest, met een minimum van 15 leden € 780,-,
Een bijdrage voor Symfonieorkesten € 1.560,-,
Een bijdrage voor Accordeon-en Tokkelorganisaties c.q. overige korpsen:
Senioren-, c.q. A-orkest € 390,-,
Junioren-, c.q. B-orkest € 195,-,
Een bijdrage voor een Musical- en/of Operetteorganisatie voor:
door een symfonieorkest begeleid: € 2.925,-,
een Jeugdmusical- en/of Jeugdoperette organisatie: € 1.175,-,
Een bijdrage voor een Toneelvereniging: € 975,-,
Een bijdrage voor een Zang- en Oratoriumorganisatie voor:
met begeleiding van een professioneel Symfonieorkest: € 2.925,-,
met begeleiding van een amateur Symfonieorkest: € 1.360,-,
met begeleiding van piano, orgel of klein ensemble dan wel à capella: € 115,-,”
Een bijdrage voor een organisatie die zich bezig houdt met het vervaardigen van Beeldende Kunst, Toegepaste Kunst of Literatuur: € 115.
** 2. .** De bijdragen zoals bedoeld in artikel 4.1 c t/m i kunnen jaarlijks worden aangepast, afhankelijk van de gemeentelijke begroting voor het desbetreffende subsidiejaar.
** 3. .** Een bijdrage van maximaal € 1.000 ten behoeve van:
De aanschaf van materialen die essentieel zijn voor het uitoefenen van de reguliere verenigingsactiviteiten (bijvoorbeeld muziekinstrumenten, kostuums, een autocue).
Het organiseren van een extra verenigingsactiviteit, als aanvulling op de reguliere verenigingsactiviteiten.
** 4. .** Om in aanmerking te komen voor de in artikel 4.3 genoemde bijdrage dient de aanvrager het volgende schriftelijk aan te leveren:
Een (naar het oordeel van het college van B en W) realistische offerte/prijsopgaaf van het aan te schaffen materiaal, of:
Een (naar het oordeel van het college van B en W) realistische begroting plus een korte beschrijving van de geplande extra activiteit.
** 5. .** De bijdrage zoals bedoeld in artikel 4.3 kan hooguit één keer per jaar, met een maximum van € 1.000, worden verleend.
Artikel 4