Indien de vervoersbehoefte niet of niet voldoende wordt opgelost met de collectieve vervoersvoorziening kan in aanvulling op de Regio Rijder een (aanvullende) verplaatsingsvoorziening worden toegekend. Vervolgens worden eisen opgesteld waaraan de voorziening moet voldoen. Er wordt bijvoorbeeld aangegeven welk type /hulpmiddel en welke aanvullende functionele eisen noodzakelijk zijn om het gewenste resultaat te bereiken. Hierbij geldt het principe goedkoopst adequaat. Denk hierbij onder meer aan rolstoelen, scootmobielen en driewielfietsen. Soms is een rijvaardigheidsbeoordeling nodig om de geschiktheid van een voorziening te onderzoeken of heeft iemand rijlessen nodig om veilig met een voorziening om te leren gaan.
Maatwerkvoorziening in natura
Een voorziening in natura wordt in bruikleen verstrekt via de leverancier waarmee de gemeente een overeenkomst heeft gesloten. De leverancier levert de voorziening aan de cliënt, is verantwoordelijk voor het afsluiten van een verzekering en verzorgt het onderhoud en reparatie van de voorziening. De gebruiker van de voorziening sluit met de leverancier een bruikleenovereenkomst af. De gemeente betaalt de leverancier voor de geleverde voorzieningen.
Persoonsgebonden budget (pgb) voor een verplaatsingsvoorziening
Een pgb is een geldbedrag bedoeld om zelf een voorziening mee aan te schaffen. De budgethouder is voor dat bedrag naast de aanschaf van de voorziening, ook zelf verantwoordelijk voor verzekering, onderhoud en reparatie. Een pgb voor een vervoersvoorziening wordt in beginsel eenmaal in de vijf jaar verstrekt. Het kan voorkomen dat er door een veranderde situatie van deze termijn wordt afgeweken.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2
Artikel 4.2.2
Individuele maatwerkvoorzieningen vervoer en rolstoelen
Onderdeel van Uitvoeringsregels maatwerkvoorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Zandvoort 2020