Er kan binnen de grenzen van artikel 58 Participatiewet, artikel 25 IOAW en artikel 25 IOAZ, geheel of gedeeltelijk van invordering worden afgezien als wordt vastgesteld dat:
de debiteur gedurende vijf jaar geen betalingen heeft verricht en niet aannemelijk is dat hij deze op enig moment zal gaan verrichten.
de termijn uit het vorige lid bedraagt 10 jaar, als de terugvordering van bijstand het gevolg is van schending van de inlichtingenplicht en waarbij als gevolg van dit gedrag een bestuurlijke boete is opgelegd of waarvan aangifte is gedaan bij het Openbaar Ministerie. Deze bepalingen zijn niet van toepassing op de vordering die de betaling van een Bestuurlijke boete betreft.
het resterend invorderbare bedrag lager is dan € 51, - netto en de vordering niet het gevolg is van het schenden van de inlichtingenplicht.
Artikel 16