**1..** Burgemeester en wethouders kunnen na het overleg bedoeld in artikel 4 een leegstandbeschikking vaststellen.
**2..** Burgemeester en wethouders kunnen ook indien de eigenaar geen medewerking verleent aan het overleg bedoeld in artikel 4, een leegstandbeschikking vaststellen.
**3..** In de leegstandbeschikking wordt bepaald of het gebouw geschikt of ongeschikt is voor gebruik.
**4..** De leegstandbeschikking kan voor de eigenaar de verplichting bevatten om door het college aangegeven noodzakelijke voorzieningen aan het gebouw te treffen om weer op redelijke wijze tot gebruik te kunnen dienen, binnen de daarvoor aangegeven termijn.
**5..** Burgemeester en wethouders kunnen andere voorwaarden stellen aan de uitvoering van het eerste lid.
Hoofdstuk Hoofdstuk 4 Leegstandoverleg en leegstandbeschikking
Artikel 5