Het is verboden zich te bevinden in door de voorzitter aangewezen gebieden en locaties. De voorzitter kan het verbod beperken tot bepaalde tijdvakken.
Dit verbod is niet van toepassing op: a.bewoners van woningen die zijn gelegen in het gebied of de locatie; b. personen die in het gebied of de locatie noodzakelijke werkzaamheden verrichten.
Hoofdstuk 2. Maatregelen
Artikel 2.5.