Naar hoofdinhoud
Dit artikel bevat een verbod op evenementen tot 1 september 2020 (derde lid) en een verbod op samenkomsten vanaf dertig personen, exclusief personeel, in voor publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven (dat willen zeggen gebouwen die in beginsel voor eenieder toegankelijk zijn) en in besloten plaatsen, niet zijnde woningen. Voor samenkomsten tot en met dertig personen geldt dat betrokkenen te allen tijde 1,5 meter afstand moeten houden tot de dichtstbijzijnde persoon. Buiten in de openbare ruimte mogen mensen samenkomen zolang zij maar 1,5 meter afstand houden tot de dichtstbijzijnde persoon. Bij excessen kan worden opgetreden tegen bijvoorbeeld ‘coronafeestjes’ in studentenhuizen, garages, loodsen en dergelijke met gebruikmaking van een noodbevel. Bij ‘coronafeestjes’ in garages en loodsen kan op grond van dit artikel ook worden opgetreden als er meer dan 30 personen aanwezig zijn. Zorgplicht In het tweede lid is een zorgplicht opgenomen voor de rechthebbende van markten, winkels, (horeca)bedrijven, instellingen, pretparken, inrichtingen en gebouwen. Degene een samenkomst laat plaatsvinden, organiseert, laten organiseren of laat ontstaan in een voor het publieke ruimte publiek openstaand gebouw of locatie als bedoeld in artikel 174, eerste lid, van de Gemeentewet en daarbij behorend erf, of een voor het publiek openstaand lokaal, voertuig of vaartuig, dan wel een besloten plaats, niet zijnde een woning moet zorg dragen voor een zodanige openstelling en inrichting dat de aldaar aanwezige personen te allen tijde 1,5 meter afstand tot elkaar kunnen houden. Uitzonderingen Het derde lid bevat een aantal uitzonderingen op het verbod op andere samenkomsten in voor het publiek toegankelijke gebouwen dan evenementen, mits daarbij de afstand van 1,5 meter in acht wordt genomen. Onderdeel a ziet op wettelijk verplichte samenkomsten, zoals vergaderingen van gemeenteraden en andere vertegenwoordigende organen, mits daarbij niet meer dan honderd personen aanwezig zijn. [Alleen voor VR Haaglanden: Aan vergaderingen van de Staten-Generaal is geen maximumaantal personen verbonden.] Het gaat in deze uitzondering alleen om de wettelijk verplichte vergaderingen. Sinds 9 april 2020 geldt de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming provincies, gemeenten, waterschappen en openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, op grond waarvan wettelijk verplichte vergaderingen van decentrale vertegenwoordigende lichamen ook in een digitale omgeving kunnen plaatsvinden. De uitzondering voor ‘samenkomsten die noodzakelijk zijn voor de continuering van de dagelijkse werkzaamheden van instellingen, bedrijven en andere organisaties, mits daarbij niet meer dan honderd personen aanwezig zijn en maatregelen zijn getroffen om 1,5 meter afstand tussen de aanwezigen te garanderen’ (onderdeel b) moet terughoudend geïnterpreteerd worden. Te denken valt aan de organisatie van staatsexamens. Activiteiten die ook georganiseerd kunnen worden zonder een fysieke samenkomst of activiteiten die enkel gericht zijn op vermaak, voldoen niet aan de eis van noodzakelijkheid en vallen derhalve niet onder deze uitzondering. Nu samenkomsten in voor publieke toegankelijke gebouwen tot en met 30 personen (exclusief personeel) zijn toegestaan, is het niet meer nodig in de verordening een bepaling op de nemen dat er een uitzondering geldt voor uitvaarten en huwelijksvoltrekkingen. Daarvoor geldt thans de algemene regel van het eerste lid. De uitzondering voor samenkomsten van religieuze of levensbeschouwelijke aard zijn om die reden eveneens niet meer opgenomen. Dit doet niet af aan de dringende oproep van het kabinet om erediensten (waaronder de reguliere kerkdienst en het vrijdagmiddaggebed) tot een minimum te beperken en waar mogelijk digitaal uit te zenden zodat mensen op afstand de dienst kunnen volgen. Voor groepsaccommodaties gelden geen specifieke regels. Dat betekent dat daar in beginsel samenkomsten tot 30 personen (exclusief personeel) mogelijk zijn. Deze accommodaties moeten dan wel zodanig zijn ingericht dat alle aanwezigen van 13 jaar of ouder te allen tijde 1,5 meter afstand van elkaar kunnen houden Onderdeel c drukt uit dat de in artikel 2.7, tweede lid, en artikel 2.8, tweede lid, toegestane activiteiten gerelateerd aan onderwijs en kinderopvang niet onder de verboden samenkomsten vallen. Voor sporten en bewegen in de openbare ruimte (zoals in parken of op pleinen), niet zijnde sportterreinen en sportvelden, kunnen beperkingen gelden in de gemeenten. Winkels en bibliotheken Op grond van onderdeel d mogen winkels en bibliotheken geopend worden voor publiek, mits maatregelen zijn getroffen om 1,5 meter afstand tussen de aanwezigen te garanderen. Ook hier geldt dus dat op grond van artikel 2.1 de aanwezigen te allen tijde 1,5 meter afstand houden tot de dichtstbijzijnde persoon. De voorzitter kan nadere voorwaarden stellen ten aanzien van de in dit onderdeel opgenomen vrijsteling. Voor de in winkels en bibliotheken aanwezige eet- en drinkgelegenheden gelden de bepalingen van artikel 2.1d en 2.1e onverkort. De beheerders van deze locaties zijn ervoor verantwoordelijk plannen te maken waarmee ze er onder andere voor zorgen dat de 1,5 meter afstand bewaard blijft en de belasting voor het mobiliteitssysteem en in het bijzonder het openbaar vervoer acceptabel blijft Evenementen Een specifieke categorie samenkomsten zijn de evenementen (derde lid). Deze zijn verboden tot 1 september 2020. De achtergrond daarvan is dat op vermaak gerichte samenkomsten die bedoeld zijn om publiek te trekken tot 1 september 2020 in beginsel niet verantwoord zijn. Elke gemeenteraad bepaalt zelf welke activiteiten in de desbetreffende gemeente een vergunning- of meldplichtig evenement vormen. Daarbij vertonen de gemeentelijke regels verschillen die niet te maken hebben met de huidige crisis. Om te voorkomen dat de inhoud van het verbod op evenementen tussen en zelfs binnen veiligheidsregio’s uiteenlopende betekenissen krijgt, is ervoor gekozen om in alle noodverordeningen dezelfde omschrijving van het begrip evenement op te nemen. Daarvoor is aangeknoopt bij de omschrijving van het begrip evenement in het model van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) voor een algemene plaatselijke verordening: ‘elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak’. Artikel 1.2 van deze verordening drukt uit dat het in elk geval gaat om herdenkingsplechtigheden, braderieën, optochten, feesten, festivals, popconcerten en overige muziekvoorstellingen, betaald voetbalwedstrijden (met of zonder publiek), straatfeesten, barbecues en vechtsportwedstrijden. Omwille van de duidelijkheid zijn markten en betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties (voor zover deze vermaak tot doel hebben) van het begrip evenement uitgezonderd. Het verbod op evenementen geldt in beginsel tot 1 september 2020. Als het verbod op andere samenkomsten voor 1 september 2020 versoepeld zou worden, komt de vraag op of het noodzakelijk is dat evenementen, in welke vorm of omvang dan ook, verboden moeten blijven. Denkbaar is dat de voorzitter van de veiligheidsregio in dat geval, als dat mogelijk is binnen de grenzen van de dan geldende aanwijzing van de minister van VWS, een vrijstelling of ontheffing verleent voor een of meer (categorieën van) evenementen die naar zijn oordeel veilig doorgang kunnen vinden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel