Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 5.

Terugvordering van verstrekt bedrijfskapitaal (ook in de vorm van borgtocht)

Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering Bbz 2004 Vught 2025

Het college stelt het bedrijfskapitaal, dat is toegekend op grond van artikel 20, 22, 24 en 26 Bbz 2004 opeisbaar en kan dit terugvorderen indien: Bedrijfskapitaal niet overeenkomstig de bestemming is besteed (art. 39 lid 2 sub a Bbz 2004). Er sprake is van bedrijfsbeëindiging of overdracht van het bedrijf (art. 39 lid 2 sub b Bbz 2004). Er sprake is van faillissement of surseance (art. 39 lid 2 sub c Bbz 2004). Indien blijkt dat de zelfstandige duurzaam niet aan de verplichtingen kan voldoen of, indien de periode van drie jaar bedoeld in het tweede lid van artikel 41 Bbz is verstreken. Zelfstandige ook na een tweede aanmaning niet aan zijn betalingsverplichting voldoet. Terugvordering vindt plaats bij alle partijen aan wie het bedrijfskapitaal is verstrekt en/of zich hoofdelijk aansprakelijk gesteld hebben voor de terugbetaling hoofdsom en de rente.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel