Naar hoofdinhoud
Burgemeester en wethouders beslissen afwijzend op de aanvraag indien: a.. de aanvraag niet voldoet aan de bij deze verordening gestelde eisen; b.. de gedupeerde onderneming in staat van faillissement verkeert dan wel bij de rechtbank een verzoek tot verlening van surseance van betaling aan de gedupeerde onderneming is ingediend; c.. de tegemoetkoming niet verstrekt kan worden op grond van de algemene de-minimisverordening; d.. het subsidieplafond, als bedoeld in artikel 2, derde lid, is bereikt; e.. de vestiging van de gedupeerde onderneming niet fysiek is afgescheiden van de privéwoning van de eigenaar van de gedupeerde onderneming (geen eigen opgang dan wel toegang tot de privéwoning), met uitzondering van horecaondernemingen met SBI-codes 56.10.1 en 56.10.2 als vermeld in bijlage 1 van deze verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel