Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10:

Hoogte vergoeding bij Langsliggende leidingen

Onderdeel van Nadeelcompensatieregeling verleggen kabels en leidingen gemeente Midden-Drenthe 2020

1. . Onverminderd het elders in deze beleidsregel bepaalde wordt de vergoeding als bedoeld in artikel 3 lid 1 ten aanzien van langsliggende leidingen berekend op basis van de werkelijke kosten als bedoeld in artikel 7, eerste lid. 2. . Indien het verzoek tot aanpassing van een langsliggende leiding is verzonden binnen vijf jaren na de verzenddatum van het instemmingsbesluit voor het leggen van die leiding, of anderszins is bewezen dat sinds het leggen van de leiding niet meer dan vijf jaren is verstreken, bedraagt de hoogte van de vergoeding 100% van de kosten. 3. . Indien het verzoek tot aanpassing van een langsliggende leiding is verzonden na vijf jaren na de verzenddatum van het instemmingsbesluit voor het leggen van die leiding, of als anderszins is bewezen dat na het leggen van de leiding meer dan vijf jaren is verstreken, wordt een korting toegepast van 20% in het zesde jaar, welke korting in de daarop volgende jaren telkens vermeerderd wordt met 16% per jaar bij droge infrastructuur, dan wel bij natte infrastructuur 5,33% per jaar, zodat er na het tiende, respectievelijk na het twintigste jaar de vergoeding nihil is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel