Naar hoofdinhoud
1.. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor het voeren van een omgevingsdialoog. De gemeente faciliteert hierbij. 2.. De aanvraag voor een huisvesting wordt geweigerd indien geen omgevingsdialoog is gevoerd. 3.. Een aanvraag voor een huisvesting wordt in ieder geval geweigerd indien naar het oordeel van het college één of meerdere van de volgende aspecten in onevenredige mate worden aangetast of belemmerd: De gebruiksmogelijkheden van omliggende functies; De kwaliteit van het landschap; Verkeersontsluiting en parkeersituatie; Milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid 4.. De huisvesting moet zodanig in de omgeving worden ingepast dat de omgeving geen onevenredige hinder ondervindt van de bebouwing en het gebruik en dat de bebouwing geen afbreuk doet aan de landschappelijk kwaliteiten van het gebied. 5.. Er moet worden voldaan aan de parkeernorm van 0,5 parkeerplaats per persoon. 6.. De gehele parkeerbehoefte die gegenereerd wordt door de aanvraag dient op het eigen perceel te worden opgelost. 7.. Als een werkgever of verblijfsbieder huisvesting wil realiseren, dient hij aan te tonen dat eventuele woningen in kernen waar hij werkzame arbeidsmigranten huisvest of laat huisvesten, ter beschikking komen en blijven voor de reguliere woningmarkt.

Rechtspraak bij dit artikel