Naar hoofdinhoud
1.. In afwijking van het bepaalde in artikelen 2 en 6 en met in achtneming van het bepaalde in de artikelen 8 en 9 worden de volgende bevoegdheden gemandateerd aan en zijn uitsluitend voorbehouden aan de secretaris: aangaan van arbeidsovereenkomsten; alle rechtshandelingen ten aanzien van de adjunct- directeuren en teamleiders, zoals het aangaan, wijzigen en beëindigen/opzeggen van de arbeidsovereenkomst, schorsing, het overeenkomen van salaris bij aanvang van de arbeidsovereenkomst, het geven van (flexibele) beloning, verlof, toelagen en vergoedingen etc. uitvoering van de: wachtgeldregeling als bedoeld in bijlage 6b van de CAO; bovenwettelijke werkloosheidsuitkering als bedoeld in bijlage 6c van de CAO; regeling voorzieningen bij werkloosheid als bedoeld in het hoofdstuk Van werk naar werk in de CAO; uitkeringsregeling ontslag als bedoeld in bijlage 6c van de CAO; suppletieregeling als bedoeld in bijlage 6d van de CAO; opzeggen arbeidsovereenkomst op grond van artikel 7:669, lid 3 onderdelen b t/m i BW, juncto lid 1 van dat artikel en het indienen van een verzoek om toestemming daartoe bij de Cao Ontslagcommissie dan wel de kantonrechter vragen de arbeidsovereenkomst te ontbinden; ontslag op staande voet volgens artikel 7:677 van het Burgerlijke wetboek; de uitvoering van bepalingen van het Sociaal Statuut, inclusief overplaatsingen; vaststellen functies, functiebeschrijving en waardering, als bedoeld in artikel 3.2, leden 1 en 2 CAO Gemeenten; toepassen hardheidsclausule als bedoeld in artikel 1.7 CAO Gemeenten; vaststellen en ondertekenen van een vaststellingsovereenkomst; verlenen van een schadeloosstelling en vergoeding van kosten in niet elders voorziene gevallen; vaststellen van de agenda voor en het voeren van het lokaal overleg met de vakbonden; het uitsluiten van een inschrijver in een aanbestedingsprocedure; het aanwijzen van verplichte kneldagen; het vaststellen van wijzigingen in de aanvullende arbeidsvoorwaardenregeling. beslissen op bevoegdheden van de eenheid O&S, die in het kader van een opgave niet aan een opdrachtnemer zijn gekoppeld. 2.. Ten aanzien van de in lid 1 gemandateerde bevoegdheden kan geen ondermandaat worden verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel