Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Afdeling 4

Artikel 4:15

Verbod hinderlijke of gevaarlijke reclame

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Uitgeest 2020

1.. Het is de rechthebbende op een onroerende zaak, of op enig daarop aanwezige roerende zaak, alsmede de hoofdgebruiker van die zaak, verboden zonder (omgevings)vergunning van het bevoegd gezag deze zaak of een daarop aanwezige zaak te gebruiken of het gebruik daarvan toe te laten voor het maken van handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die vanaf de weg, de spoorbaan of openbaar water of vanaf een andere voor het publiek toegankelijke plaats zichtbaar is. 2.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet ten aanzien van: handelsreclame voor diensten en producten die in of in de onmiddellijke nabijheid van het pand plaatsvinden waar de reclame tot uiting wordt gebracht met een maximale oppervlakte van 1,5 m²; opschriften betrekking hebbend op de naam en/of aard van in uitvoering zijnde bouwwerken en/of op de namen van degenen die bij het ontwerp en/of de uitvoering van het bouwwerk betrokken zijn, mits deze opschriften zijn aangebracht bij of op de in uitvoering zijnde bouwwerken zelf en niet verlicht zijn, zulks voor zolang zij feitelijke betekenis hebben; opschriften en aankondigingen van kennelijk tijdelijke aard, voor zolang zij feitelijke betekenis hebben. 3.. Het college kan nadere regels stellen die betrekking hebben op het genoemde in het tweede lid. 4.. Het in het eerste lid gesteld verbod geldt voorts niet voor zover de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet milieubeheer, het Activiteitenbesluit milieubeheer, de Monumentenwet 1988, de Erfgoedverordening 2010 Uitgeest of de Landschapsverordening Noord-Holland 2010 van toepassing is.

Rechtspraak bij dit artikel