Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 8

Artikel 2:57

Loslopende honden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Uitgeest 2020

1.. De eigenaar of houder van een hond is verplicht zorg te dragen dat deze: steeds is aangelijnd behoudens op een afgesloten erf; zich niet bevindt op een terrein bij een ander in gebruik, tenzij de eigenaar of gebruiker van dat terrein daartoe toestemming verleend. 2.. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats; op de weg als die hond niet is voorzien van een halsband of een ander identificatiemerk dat de eigenaar of houder duidelijk doet kennen. 3.. Het in het eerste en tweede lid bepaalde is niet van toepassing op geleidehonden wanneer deze als zodanig gebruikt worden of die aantoonbaar gekwalificeerd opgeleid wordt tot geleidehond of sociale hulphond. 4.. Het college kan gedeelten van de gemeente aanwijzen, waar het bepaalde in het eerste lid onder a, niet van toepassing is.

Rechtspraak bij dit artikel