Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1f

Multifunctionele complexen

Onderdeel van Noodverordening COVID-19 veiligheidsregio Gelderland-Zuid 15 juni 2020

1. Indien in een gebouw zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, meerdere andere zelfstandige functies zijn opgenomen, is het maximum van 30 personen per gebouw niet van toepassing, onder de volgende voorwaarden: a. de verschillende functies zijn functioneel van elkaar gescheiden; b. de verschillende functies beschikken elk over een zelfstandige ruimte binnen het gebouw; c. per zelfstandige functie niet meer dan 30 personen, exclusief personeel, aanwezig zijn, tenzij deze verordening voor die functie een hoger aantal personen toestaat; en d. de inrichting in het gebouw wordt zodanig georganiseerd dat bezoekersstromen zoveel mogelijk van elkaar gescheiden zijn en bezoekers van de verschillende functies steeds 1,5 meter afstand kunnen houden. 2. Dit artikel is niet van toepassing op zalencentra of -complexen. Artikel 2.2 Verbod niet in acht nemen veilige afstand Het is verboden zich in de publieke ruimte te bevinden zonder tot een andere persoon een afstand te houden van ten minste 1,5 meter. Het verbod, bedoeld in het vorige lid, is niet van toepassing: a. op personen die een gezamenlijk huishouden vormen; b. als het de afstand tot kinderen tot en met 12 jaar betreft; c. bij de uitoefening van contactberoepen; d. op een persoon met een handicap en diens begeleiders; e. op personen van 13 tot en met 18 jaar die georganiseerd en begeleid door sportverenigingen of professionals buiten sporten en bewegen. 3. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is in de uitvoering van jeugdhulp niet van toepassing op kwetsbare jongeren in de leeftijd van 13 tot en met 18 jaar onderling en op kwetsbare jongeren en jeugdhulpverleners onderling. Artikel 2.3 Verboden openstelling inrichtingen 1. Het is verboden om een van de volgende inrichtingen voor publiek geopend te houden: a.. eet- en drinkgelegenheden bij de onder b tot en met f genoemde inrichtingen met uitzondering van eet- en drinkgelegenheden bij buitensportvoorzieningen die worden geëxploiteerd door een commerciële rechtspersoon, bij instellingen voor topsport en bij zwemgelegenheden b.. sport- en fitnessgelegenheden; c.. sauna’s; d.. seksinrichtingen; e.. coffeeshops; f.. casino's, speelhallen en daarmee vergelijkbare inrichtingen. 2. Het is verboden een in een eet- en drinkgelegenheid aanwezige dansvoorziening geopend te houden voor publiek. 3. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, is niet van toepassing op: a.. inrichtingen waar buiten sporten of bewegen mogelijk wordt gemaakt, mits de beheerder maatregelen heeft getroffen waardoor de aanwezigen altijd 1.5 meter afstand tot elkaar kunnen houden; b.. instellingen voor topsport, mits de beheerder maatregelen heeft getroffen waardoor de aanwezigen altijd 1,5 meter afstand tot elkaar kunnen houden; c.. zwemgelegenheden voor sport en bewegen in water, mits de beheerder maatregelen heeft getroffen waardoor de aanwezigen altijd 1,5 meter afstand tot elkaar kunnen houden. 4. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, is niet van toepassing indien uitsluitend sprake is van verkoop, aflevering of verstrekking van eten, drinken, softdrugs of producten voor gebruik anders dan ter plaatse, mits de exploitant maatregelen heeft getroffen waardoor de aanwezigen altijd 1,5 meter afstand tot elkaar kunnen houden en de duur van hun verblijf in de inrichting zoveel mogelijk wordt beperkt. Artikel 2.4 Uitoefening contactberoepen 1. Beoefenaren van contactberoepen of de beheerders van inrichtingen waar contactberoepen worden uitgeoefend dienen maatregelen te treffen om 1,5 meter afstand te garanderen tussen klanten of bezoekers onderling. 2. Het is sekswerkers verboden om hun beroep uit te oefenen. Artikel 2.5 Verboden gebieden en locaties Het is verboden zich te bevinden in door de voorzitter aangewezen gebieden en locaties. De voorzitter kan het verbod beperken tot bepaalde tijdvakken. Dit verbod is niet van toepassing op: bewoners van woningen die zijn gelegen in het gebied of de locatie; personen die in het gebied of de locatie noodzakelijke werkzaamheden verrichten. Artikel 2.6 Inrichting en beëindiging voorziening openbaar vervoer Vervoerders richten voorzieningen voor openbaar vervoer zodanig in en nemen daarmee samenhangende maatregelen, zodat reizigers in staat worden gesteld zoveel mogelijk een afstand van tenminste 1,5 meter ten opzichte van alle andere in de voorzieningen aanwezige personen in acht te nemen en reizigers van 13 jaar en ouder een niet-medisch mondkapje dragen in voertuigen en vaartuigen. De voorzitter kan na overleg met de vervoerder voorzieningen voor openbaar vervoer beëindigen of beperken, indien: De inrichting van deze voorzieningen en de daarmee samenhangende maatregelen reizigers niet of onvoldoende in staat stelt zoveel mogelijk een afstand van tenminste 1,5 meter ten opzichte van alle andere in de voorzieningen aanwezige personen in acht te nemen en het dragen van een mondkapje door reizigers van 13 jaar en ouder niet in acht wordt genomen: de beëindiging van deze voorziening het transport van personen die werkzaam zijn in vitale processen of transport dat anderszins noodzakelijk is voor de mobiliteit van Nederland niet onnodig belemmert. Artikel 2.7 Verboden openstelling onderwijsinstellingen Het is verboden om onderwijsactiviteiten te verrichten in onderwijsinstellingen. Dit verbod is niet van toepassing op: scholen voor speciaal onderwijs, voor speciaal basisonderwijs, locaties voor basisonderwijs verbonden aan asielzoekerscentra en locaties voor basisonderwijs uitsluitend voor nieuwkomers; scholen voor basisonderwijs; de organisatie van onderwijs op afstand, waarbij studenten en leerlingen via een (digitaal) medium onderwijs krijgen in de thuissituatie; de organisatie van toetsing en examens mits zorgvuldige maatregelen zijn getroffen om het risico van besmetting te beperken; kleinschalig georganiseerde opvang of begeleiding van leerlingen voor wie vanwege bijzondere problematiek of moeilijke thuissituatie maatwerk nodig is; scholen bij een open of gesloten residentiële instelling; scholen voor voortgezet speciaal onderwijs; scholen voor voortgezet onderwijs waarbij de onderwijsinstellingen de leerlingen verzoeken het openbaar vervoer te mijden en zorgvuldige maatregelen treffen om het risico van besmetting te beperken, waaronder maatregelen om 1,5 meter afstand houden tussen alle aanwezige personen; het bieden van onderwijsactiviteiten in onderwijsinstellingen in het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs voor het houden van examens, tentamens, toetsen, praktijk(gericht)onderwijs en begeleiding van kwetsbare studenten op de onderwijsinstelling, voor zover dit online niet afdoende kan. De onderwijsinstellingen, bedoeld in het tweede lid, onderdeel i, verzoeken de studenten het openbaar vervoer zoveel mogelijk te mijden en treffen zorgvuldige maatregelen om het risico op besmetting te beperken, waaronder maatregelen om 1,5 meter afstand te houden tussen alle in deze instellingen aanwezige personen. De onderwijsinstellingen maken met relevante partijen afspraken over mobiliteit en het gebruik van het openbaar vervoer. Artikel 2.8 Openstelling kinderopvang Organisaties voor kinderopvang werken mee aan openstelling ten behoeve van opvang van kinderen van ouders die werken in de zorg. Medewerking hoeft niet te worden verleend als de beroepskracht-kindratio in de zin van de Wet kinderopvang wordt overschreden, doordat opvang geboden moet worden aan kinderen waarvoor de kinderopvang geen gecontracteerde opvang behoeft te leveren. Artikel 2.9 Verboden toegang verpleeghuizen en woonvormen ouderenzorg Het is verboden om zonder toestemming van de beheerder aanwezig te zijn in: een instelling die zorg als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel a, van de Wet langdurige zorg verleent aan personen die daarop recht hebben vanwege een somatische of psychogeriatrische aandoening of beperking; een woonsituatie waarin minimaal drie bewoners verblijven vanwege een somatische of psychogeriatrische aandoening of beperking en zorg ontvangen als bedoeld in artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel