Het college kan een eenmalige subsidie verlenen voor het, in een uit een energieadvies blijkend slecht geïsoleerde woning met een WOZ-waarde van maximaal € 370.000 in het peiljaar 2021, door een bouwbedrijf laten uitvoeren van een of meerdere van de volgende activiteiten:
vloer-, dan wel bodemisolatie:
ten minste 20 vierkante meter van de oppervlakte van de bestaande vloer of de bestaande bodem in de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd voor een woning van een eigenaar-bewoner;
minimaal 70% van de oppervlakte van de gehele vloer behorend tot de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd voor een vereniging van eigenaars;
het isolatiemateriaal moet tenminste een Rd-waarde hebben van 3,5 m2K/W;
het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen.
gevelisolatie:
ten minste 10 vierkante meter van de oppervlakte van de binnen- of buitengevel van de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd; en
het isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft of in het geval van een monument een Rd-waarde van ten minste 2,5 m2K/W heeft.
spouwmuurisolatie:
tenminste 10 vierkante meter van de oppervlakte van bestaande spouwmuren in de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd;
het isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 1,1 m2K/W heeft; en
het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen.
dakisolatie dan wel zolder- of vlieringvloerisolatie, waarbij:
tenminste 20 vierkante meter van de oppervlakte van het bestaande dak in de bestaande thermische schil dan wel, indien de zolder of vliering onverwarmd is, van ten minste 20 vierkante meter van de oppervlakte van de bestaande zolder- of vlieringvloer, wordt geïsoleerd voor een woning van een eigenaar-bewoner;
minimaal 70% van de oppervlakte van het gehele dak behorend tot de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd voor een vereniging van eigenaars;
het isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft of in het geval van een monument een Rd-waarde van ten minste 2,5 m2K/W heeft; en
het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen.
glas-, kozijnpaneel- of deurisolatie in de bestaande thermische schil door:
het vervangen van ten minste 3 vierkante meter van de oppervlakte, of raamoppervlakte van glas, kozijnpanelen of deuren door HR++ glas, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen of nieuwe isolerende deuren met een Ud-waarde van ten hoogste 1,5 W/m2K;
het vervangen van ten minste 3 vierkante meter van de oppervlakte, of raamoppervlakte van glas, kozijnpanelen of deuren door triple-glas, in combinatie met een nieuw isolerend raamkozijn met een Uf-waarde van ten hoogste 1,5 W/m2K, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen of nieuwe isolerende deuren met een Ud-waarde van ten hoogste 1,0 W/m2K;
het in het geval van een monument vervangen of toevoegen van ten minste 3 vierkante meter van de oppervlakte, of raamoppervlakte van glas, kozijnpanelen of deuren door glas of voor- of achterzetbeglazing met een U-waarde van ten hoogste 3,0 W/m2K, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen of nieuwe isolerende deuren met een Ud-waarde van ten hoogste 2,0 W/m2K; of
het vervangen of toevoegen van ten minste 3 vierkante meter van de oppervlakte, of raamoppervlakte van glas, kozijnpanelen of deuren door glas of voor- of achterzetbeglazing met een U-waarde van ten hoogste 2,0 W/m2K, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen of nieuwe isolerende deuren met een U-waarde van ten hoogste 1,5W/m2K, of triple-glas, in combinatie met een nieuw isolerend raamkozijn met een Uf-waarde van ten hoogste 1,5 W/m2K.
ventilatiemaatregelen, alleen in combinatie met de energiebesparende isolatiemaatregelen.
benodigde afwerking van de isolatiemaatregelen die in redelijkheid direct verband houden met deze maatregelen.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.4
Subsidiabele activiteiten
Onderdeel van Subsidieregeling duurzame Amsterdamse gebouwen