Het college kan een eenmalige subsidie verlenen als bijdrage in de hierna te noemen kosten of voor het uitvoeren van de volgende fysieke gebouwgebonden activiteiten in een bestaand gebouw met meerdere woningen, welke daardoor aardgasvrij worden:
de kosten berekend door de warmteleverancier voor het aansluiten op het warmtenet van twee of meer woningen of het collectieve warmtesysteem van het gebouw waar de woningen onderdeel van uitmaken en;
het aanpassen of vervangen van het ruimteverwarmingssysteem en de voorzieningen voor koken en warmtapwater door middel van:
het verwijderen van de individuele of collectieve CV-ketel inclusief rookgasafvoer;
het aanpassen van de warmteafgiftesystemen indien dat nodig is om het collectieve warmtesysteem te gebruiken;
het verwijderen van het individuele gasgestookte warmtapwatertoestel;
het verwijderen van het gasfornuis;
het aanschaffen van een volledig elektrische kookvoorziening;
het installeren van een niet-gasgedreven warmtapwatervoorziening;
andere bouwkundige aanpassingen die nodig zijn voor het aardgasvrij maken van de woning of het aansluiten van de woning op een warmtenet, inhoudende:
het aankoppelen van de binneninstallatie aan het warmtenet;
het aankoppelen van de binneninstallatie aan het inpandig leidingstelsel;
het aanpassen van de meterkast en leidingen ten behoeve van elektrisch koken;
het verwijderen van de stijgleidingen;
bouwkundige aanpassingen ten behoeve van het plaatsen van de afleverset;
het verwijderen van gasleidingen; of
het aanleggen van een inpandig leidingstelsel;
het instandhouden van het huidige warmtesysteem tot aan de realisatie van het nieuwe collectieve warmtesysteem;
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
Subsidiabele activiteiten
Onderdeel van Subsidieregeling duurzame Amsterdamse gebouwen