Het college kan een eenmalige subsidie verlenen voor het in het in artikel 3.1 bepaalde gebied uitvoeren van de volgende fysieke gebouwgebonden activiteiten:
in een bestaande woning, welke daardoor aardgasvrij wordt:
omzetten van de aardgasgestookte ruimteverwarmingsinstallatie naar een installatie die in de warmtevraag voorziet door middel van onttrekking van warmte aan het stadswarmtenet; en/of
omzetten van de aardgasgestookte tapwaterinstallatie naar een installatie die in haar warmtevraag voorziet door middel van onttrekking van warmte aan het stadswarmtenet; en/of
omzetten van de aardgasgestookte kookvoorziening naar een aardgasvrije kookvoorziening;
in een pand met meerdere woningen, welke daardoor ten dele aardgasvrij wordt:
omzetten van een collectieve gasgestookte ruimteverwarmingsinstallatie naar een installatie die in de warmtevraag voorziet door middel van onttrekking van warmte aan het stadswarmtenet; en/of
omzetten van een collectieve gasgestookte tapwaterinstallatie naar een installatie die in de warmtevraag voorziet door middel van onttrekking van warmte aan het stadswarmtenet;
Hoofdstuk 3
Artikel 3.3
Subsidiabele activiteiten
Onderdeel van Subsidieregeling duurzame Amsterdamse gebouwen