In deze categorie kan het gaan om bebouwing die deel uitmaakt van niet meer in bedrijf zijnde agrarische bedrijven of bedrijfsbebouwing anderszins of bestaande leegstaande complexen zoals kloosters, zorgcomplexen, scholen, hotels of daarmee vergelijkbare bebouwing. Deze leegstaande bebouwing kan gebruikt worden als logiesgebouw voor huisvesting van internationale werknemers. Het maximum aantal te huisvesten internationale werknemers zal afhankelijk zijn van de locatie en dient per aanvraag te worden afgewogen, rekening houdend met de bandbreedtes zoals genoemd in de basisuitgangspunten. Daarbij kunnen het type omgeving, de impact op de omgeving, het parkeren en andere initiatieven voor huisvesting van internationale werknemers in de directe omgeving een rol spelen. Dit aspect is ter beoordeling aan het college.
Voorwaarden
Naast de basisuitgangspunten gelden de volgende locatiespecifieke voorwaarden:
de huisvesting vindt plaats in bestaande bebouwing; indien op een locatie in het buitengebied geen of onvoldoende voor bewoning geschikte of geschikt te maken bebouwing beschikbaar is, is uitbreiding dan wel nieuw op te richten bebouwing toegestaan, met dien verstande dat bij oprichting van nieuwe bebouwing dit enkel is toegestaan middels toepassing van de in de ‘Aanvullende structuurvisie nieuwe bebouwing in het buitengebied’ (vastgesteld d.d. 27.03.2012) of diens rechtsopvolger opgenomen sloopregeling en mits passend bij de bestaande bedrijfsgebouwen. Dit kan er ook toe leiden dat voor hergebruik van bestaande bebouwing sloop verplicht wordt gesteld opgenomen sloopregeling en mits passend bij de bestaande bedrijfsgebouwen. In alle gevallen dient sprake te zijn van een goede landschappelijke inpassing van de bebouwing en het aangrenzend terrein alsmede een adequate hemelwaterafvoer (afkoppeling). Dit betekent dat uitbreiding dan wel nieuwbouw uitsluitend mogelijk is indien sprake is van te slopen bebouwing.
de behoefte aan deze voorzieningen dient te worden aangetoond;
de wooneenheden mogen het gehele jaar worden gebruikt;
huisvesting in kampeermiddelen of stacaravans is niet toegestaan;
de huisvestingsvoorziening mag nooit het dichtstbijzijnde gevoelig object worden ten opzichte van een veehouderij, tenzij de afstand minimaal 400 meter bedraagt.
Planologische regeling/procedure
Voor wijziging van het gebruik van bestaande gebouwen dient een passende planologische procedure te worden doorlopen waarmee kan worden afgeweken van het planologisch geregelde gebruik van bestaande gebouwen.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.4