Naar hoofdinhoud
1.. De kosten van de Adviesraad komen in beginsel ten laste van de gemeente. Kosten kunnen worden gemaakt voor: vorming en scholing van de leden; inschakeling van deskundigen; vergaderingen, administratieve en communicatieve zaken; speciale voorzieningen om ook leden met een beperking volwaardig aan de activiteiten van de Adviesraad te kunnen laten deelnemen; raadpleging doelgroepen. 2.. De leden van de Adviesraad ontvangen een algemene onkostenvergoeding. Het college stelt de hoogte van deze vergoeding vast. 3.. Het college stelt aan de Adviesraad een zodanig budget beschikbaar dat deze in staat kan worden geacht zijn adviserende taak op een goede wijze uit te voeren en de kosten voor de onder lid 1 genoemde posten a t/m e te dekken. 4.. Het budget wordt jaarlijks toegekend op basis van een begroting, die door de Adviesraad tijdig wordt overgelegd. De begroting gaat vergezeld van een werkplan. Onder tijdig wordt verstaan uiterlijk 1 september voorafgaande aan het kalenderjaar waarvoor het budget bedoeld is. 5.. Verantwoording van de uitgaven uit het ter beschikking gestelde bedrag wordt eenmaal per jaar – uiterlijk 1 april van het daaropvolgend kalenderjaar - afgelegd door middel van een financieel jaarverslag en een beknopt inhoudelijk werkverslag.

Rechtspraak bij dit artikel