Naar hoofdinhoud
1.. De budgethouder is verantwoordelijk voor een doeltreffende, doelmatige en rechtmatige inzet van de budgetten de realisatie van de kosten, opbrengsten, kredieten en reserves en voorzieningen. de inhoudelijke en financiële realisatie van de producten, diensten en projecten en legt hierover verantwoording af bij de planning & control-cyclus. 2.. De budgethouder gaat alleen verplichtingen aan als het budget toereikend is en de verplichting in lijn is met het vastgestelde beleid. Daarbij neemt de budgethouder de daarvoor geldende administratieve richtlijnen, het vigerende mandaatbesluit en inkoop- en aanbestedingsbeleid in acht. 3.. De (deel)budgethouder is verplicht inkomsten en uitgaven die niet begroot zijn en meer bedragen dan € 100.000 uiterlijk binnen twee weken na het bekend worden te melden bij de concerndirecteur. De concerndirecteur doet hiervan uiterlijk binnen een week melding aan de verantwoordelijk bestuurder dan wel het college in samenspraak met de gemeentesecretaris. Afhankelijk van het besluit dan wel de opdracht wordt er wel of geen begrotingswijziging aan de gemeenteraad voorgelegd. 4.. In afwijking van het tweede lid mag de budgethouder, na goedkeuring van de directie of het college, een verplichting aangaan als een afzonderlijk budget niet toereikend is en er binnen het product of programma ruimte voor compensatie is. Hierbij moeten de doelstellingen gerealiseerd blijven worden en dient de verhouding tussen structureel en incidenteel intact te blijven. Incidentele meevallers kunnen daarom niet gebruikt worden om structurele tegenvallers mee op te vangen. Aanpassingen zoals bedoeld in dit lid worden (achteraf) via een (verzamel)begrotingswijziging voorgelegd aan de gemeenteraad. 5.. Budget- en deelbudgethouders kunnen binnen een product in verband met de benodigde functiescheiding nooit de rol van prestatieverklaarder uitvoeren. Onder prestatieverklaarder moet hier worden verstaan: de persoon die de materiële controle uitvoert of er is geleverd wat er afgesproken is. 6.. Bij afwezigheid van de budgethouder gaat de bevoegdheid over op de directeur en/of de gemeentesecretaris dan wel op een door de directeur aan te wijzen plaatsvervanger. 7.. Wijzigingen en (tijdelijke) vervangingen van aangewezen (deel-)budgethouders worden op een onafhankelijke, achteraf verifieerbare wijze (bij voorkeur digitaal) gedocumenteerd en aan de Financiële Administratie ter beschikking gesteld. Een mail met accordering van de directeur dan wel de gemeentesecretaris voldoet. 8.. Voor een begrotingswijziging levert de budgethouder in overleg met de financieel adviseur de informatie aan. Bestuursvoorstellen voor begrotingswijzigingen worden door het team Financieel Advies en Beleid gemaakt.

Rechtspraak bij dit artikel