Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 20

Deelautovergunning

Onderdeel van Nadere regel uitgifte parkeervergunningen en garageplaatsen gemeente Utrecht

Er is een parkeervergunning deelauto-organisaties. Een deelautovergunning kan worden uitgegeven aan: een commerciële organisatie die op grond van een overeenkomst auto's ter beschikking stelt aan derden of aan een autodeelgroep; een autodeelgroep die op grond van een overeenkomst auto’s ter beschikking stelt aan zijn deelnemers. Een deelautovergunning wordt uitgegeven op kenteken. Een deelautovergunning wordt uitgegeven voor één deelrayon. Het wisselen van kenteken is uitsluitend incidenteel toegestaan. Een deelautovergunning wordt uitgegeven voor onbepaalde tijd. Met een deelautovergunning is het niet toegestaan om te parkeren op de aangewezen deelautoplaatsen, dit kan alleen met een ‘deelautovergunning vaste plek’. Er is geen maximum aan het aantal parkeervergunningen deelautovergunningen per deelauto-organisatie. In afwijking van artikel 2 vijfde lid is de deelautovergunning niet adresgebonden. De vergunninghouder moet voldoen aan de volgende voorwaarden met betrekking tot: Basiseisen Uit de statuten en uit het feitelijk handelen van de aanvrager blijkt dat de aanvrager het aanbieden van deelvoertuigen als doelstelling heeft. De vergunninghouder is een rechtspersoon, ingeschreven bij de KVK. De vergunninghouder is (wettelijk) verplicht om de deelauto’s conform de eisen van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen te verzekeren en verzekerd te houden tegen het risico van wettelijke aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door of met de deelauto’s (motorrijtuigen). De vergunninghouder heeft een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering afgesloten als de vergunninghouder een commerciële organisatie is. De voertuigen: De voertuigen mogen uitsluitend aan deelvervoer gerelateerde reclame tonen. De voertuigen moeten herkenbaar en identificeerbaar zijn als voertuig van de vergunninghouder. Met ingang van januari 2025 mogen nieuw toe te voegen deelauto’s geen schadelijke stoffen uitstoten (zero-emissie). Met ingang van januari 2027 mag geen enkele deelauto schadelijke stoffen uitstoten (zero-emissie). Er wordt ontheffing verleend van de voorwaarden in lid 9b over zero-emissie wanneer er onvoldoende laadinfrastructuur geplaatst kan worden door de concessiehouder voor elektrische laadpalen. De voertuigen zijn met een app te openen zonder tussenkomst van de vergunninghouder of de eigenaar van de auto. Dienstverlening en operatie: De vergunninghouder verwijdert defecte, ernstig beschadigde of onbruikbare deelvoertuigen binnen 72 uur uit de openbare ruimte nadat de vergunninghouder redelijkerwijs bekend kon zijn met het defect of de onbruikbaarheid. Het deelvoertuig moet dag en nacht voor gebruik beschikbaar zijn. Elke boeking van een deelvoertuig door een abonnementhouder moet plaatsvinden zonder tussenkomst van de vergunninghouder of eigenaar van het voertuig. De vergunninghouder dient overlast van voertuigen zoals hinderlijk parkeren of onjuist gebruik van laadpalen te voorkomen en op te lossen. Communicatie De vergunninghouder moet de dienstverlening zowel Nederlandstalig als Engelstalig aanbieden (taalniveau B1). In de dienstverlening moeten de volgende functionaliteiten zijn opgenomen: Basisinformatie van de vergunninghouder, contactgegevens en telefoonnummer van de helpdesk (inclusief openingstijden); Heldere gebruiksvoorwaarden, tarieven en privacy verklaringen (taalniveau B1 voor Nederlands) van zijn dienst; Gebruikers worden voorafgaand aan het gebruik van de dienst volledig en transparant geïnformeerd over gebruikersvoorwaarden. De vergunninghouder behandelt en registreert klachten. De vergunninghouder garandeert een 24/7 klantenservice voor problemen van gebruikers onderweg. De vergunninghouder heeft één vast Nederlands sprekend aanspreekpunt voor de gemeente dat telefonisch en per e-mail bereikbaar is op werktijden en zo snel mogelijk handelt bij klachten en vragen die bij de gemeente binnenkomen. Data, privacy en interoperabiliteit: De deelauto-organisatie zet op verzoek van het college van burgemeester en wethouders jaarlijks een door de gemeente (of een namens de gemeente aangewezen organisatie) opgestelde enquête uit onder haar gebruikers en levert aan de gemeente de ruwe, geanonimiseerde enquête resultaten. De deelauto-organisatie verstrekt per 1 januari 2026 aan burgemeester en wethouders of een door burgemeester en wethouders aangewezen derde, de gegevens over haar deelvoertuigen en het gebruik daarvan in Utrecht die noodzakelijk zijn voor het toezicht op de naleving van de verleende vergunning en voor de ontwikkeling en evaluatie van het gemeentelijk parkeer- en deelmobiliteitsbeleid. Dit betreft in ieder geval de volgende gegevens: Gegevens over de deelauto: 10. het type deelauto (zoals rayongebonden of met een vaste plek); 20. een identificatienummer van de deelauto; 30. een identificatienummer van de deelauto-aanbieder; 40. het type auto; 50. de aandrijving van de auto, en 60. het gebied waarin de deelauto wordt aangeboden. Gegevens over de voertuigstatus: 10. de voertuigstatus (zoals beschikbaar, niet beschikbaar, gereserveerd); en 20. het tijdstip en de locatie van de verandering van voertuigstatus; Gegevens over gemaakte ritten: 10. een (gepseudonimiseerd) identificatienummer van een rit; 20. de start- en eindtijd van een rit; 30. de start- en eindlocatie van een rit; 40. de duur van de rit, en 50. de afgelegde afstand van een rit De deelauto-organisatie verstrekt de gegevens op elke maandag na afloop van een kalenderweek, lopend van zondag tot en met zaterdag, geautomatiseerd volgens de CDS-M werkwijze. Het deelvervoerconcept van vergunninghouder moet op het gebied van databeheer, verwerking en opslag (security) en privacy aan alle wet- en regelgeving voldoen, bijvoorbeeld het toepassen van het principe van dataminimalisatie en het uitvoeren van een Data Privacy Impact Assessment De vergunninghouder moet ervoor zorgen dat zijn diensten voldoen aan de gangbare eisen op het gebied van informatiebeveiliging. De vergunninghouder heeft per 1 januari 2025 een MaaS-integratie met tenminste twee partijen die landelijk actief zijn. 10. . Wanneer autodeelgroepen of commerciële organisaties voor een autodeelgroep een deelautovergunning aanvragen, geldt daarnaast het volgende: Lid 5 en de volgende punten uit lid 9 gelden niet: 10. lid 9d het aanbieden van een Engelstalige dienstverlening; 20. lid 9e het geautomatiseerd delen van data via de CDS-M-werkwijze, en 30. lid 9e het hebben van een MaaS-integratie met tenminste twee partijen; Er moet worden aangetoond dat de parkeervergunning wordt aangevraagd voor het laten functioneren van een autodeelgroep; Een deelautovergunning wordt uitgegeven voor een periode van 5 jaar. Deze periode kan verlengd worden of gewijzigd naar uitgifte voor onbepaalde tijd. Het college kan gedurende de vergunningsperiode de voorwaarden wijzigen, voor zover dit nodig is om het beoogde doel te borgen: het faciliteren en stimuleren van bewonersinitiatieven rondom het delen van auto’s; De autodeelgroep heeft minstens 3 deelnemende bewoners die op verschillende adressen in Utrecht wonen. Voor elke volgende parkeervergunning heeft de autodeelgroep 3 extra deelnemende bewoners, en De vergunninghouder dient op verzoek de gemeente minimaal 1 keer per jaar de gemeente of een door de gemeente aangewezen derde, actuele gepseudonimiseerde gegevens over haar deelvoertuigen in Utrecht te verstrekken, zoals het aantal ritten en de afgelegde afstand. 11 . In bepaalde gevallen kan maatwerk nodig zijn en daarom kan bij vergunning worden afgeweken of kan ontheffing worden verleend van de voorwaarden in lid 9 en 10 op basis van een goede onderbouwing. 12. . Indien de vergunninghouder voornemens is zijn activiteiten te beëindigen, brengt hij de gemeente daarvan minimaal 2 maanden van tevoren op de hoogte. 13. . Bij intrekking of einde looptijd vergunning, of faillissement verwijdert de vergunninghouder binnen 1 maand zijn deelvoertuigen uit de openbare ruimte. De vergunninghouder is verantwoordelijk voor de kosten van het verwijderen van deelvoertuigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel