Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.4

Artikel 4.4.4

Kwaliteitseisen ondersteuning sociaal netwerk

Onderdeel van Beleidsregels Wmo en Jeugdhulp gemeente Nieuwegein 2020

Zoals gezegd is het de taak van het college om te waarborgen dat de ondersteuning die de inwoner vanuit een pgb wil inkopen van goede kwaliteit is. Wanneer de inwoner ondersteuning wil inkopen bij een persoon uit zijn sociaal netwerk, is er een verhoogd risico op belangenverstrengeling. Bovendien is een persoon uit het sociaal netwerk vaak niet specifiek gekwalificeerd om deze ondersteuning te bieden. Het college is om deze twee redenen extra kritisch bij haar toets op de kwaliteit van de ondersteuning geboden door een persoon uit het sociaal netwerk. Het college stelt de volgende kwaliteitseisen aan ondersteuning die geboden wordt door iemand uit het sociaal netwerk van de inwoner: De hulpverlener voldoet aan de basiskwaliteitseisen zoals geformuleerd in paragraaf 4.4.2. De hulpverlener heeft de in relatie tot de behoeften, persoonskenmerken en de ondersteuningsvraag van de inwoner benodigde expertise en ervaring. De ondersteuning vanuit het sociaal netwerk is beter, meer effectief en doelmatiger dan ondersteuning door een professionele aanbieder. De hulpverlener uit het sociaal netwerk is voldoende op de hoogte van de verantwoordelijkheden die aan het bieden van de ondersteuning verbonden zijn. Bij de hulpverlener uit het sociaal netwerk is geen sprake van (dreigende) overbelasting. Met deze laatste bullit geeft het college aan dat zij de hulp die een (dreigend) overbelast persoon uit het sociaal netwerk bereid is te bieden, in principe niet van goede kwaliteit vindt. Dit betekent bijvoorbeeld, dat bij de toekenning van een maatwerkvoorziening Jeugdhulp in de vorm van een pgb ten behoeve van een jeugdige, de (dreigend) overbelaste ouder niet degene kan zijn die de ondersteuning vanuit het pgb gaat bieden. In een dergelijke situatie zal gezocht moeten worden naar een ander niet (dreigend) overbelast persoon uit het sociaal netwerk (die bereid is de hulp te bieden en ook aan de andere criteria voldoet) of zal hulp in natura worden ingezet. Mocht na het toekennen van een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb voor hulp van een persoon uit het sociaal netwerk, sprake zijn van (dreigende) overbelasting bij die hulpverlener, dan zal het college samen met de inwoner zoeken naar een passende oplossing om verdere (dreigende) overbelasting te voorkomen. (Tijdelijke) inzet van professionele hulp in natura al dan niet gecombineerd met (tijdelijk) een (andere) hulpverlener uit het sociale netwerk behoort tot mogelijke oplossingen. Zie ook de tekst bij ‘duur van de toekenning en combinatiemogelijkheid’ en ‘ondersteuning geboden door huisgenoten’. Het college neemt de kwaliteitseisen die zij stelt aan profesionele zorgverleners als uitgangspunt bij haar toets of de hulpverlener over de benodigde expertise en ervaring beschikt, evenals of de ondersteuning meer effectief en doelmatiger is dan professionele ondersteuning. Zie paragraaf 4.4.3. Goede kwaliteit OZR2 & OZR3 (Wmo) en Behandeling en Begeleiding Zwaar (Jeugdhulp) Het college is van mening dat bij de maatwerkvoorzieningen Wmo Ondersteuning Zelfredzaamheid niveau 2 en niveau 3 en de maatwerkvoorzieningen Jeugdhulp Behandeling en Begeleiding Zwaar, alleen sprake kan zijn van een goede kwaliteit van de ondersteuning wanneer de hulpverlener naar het oordeel van het college 1) beschikt over de benodigde specialistische kennis, vaardigheden en ervaring, 2) werkt aan de hand van effectief bewezen methoden én 3) volledig onafhankelijk en objectief kan handelen. Dit, gezien de complexe aard en/of zwaarte van de problematiek waarvoor deze maatwerkvoorzieningen in natura worden toegekend. Dit betekent, dat het college de maatwerkvoorziening Jeugdhulp ‘Behandeling’ niet en de maatwerkvoorzieningen OZR2 & OZR3 (Wmo) en Begeleiding Zwaar (Jeugdhulp) slechts in uitzonderlijke situaties zal toekennen in de vorm van een pgb voor ondersteuning uit het sociaal netwerk. Duur van de toekenning en combinatiemogelijkheid Wanneer het college enigszins twijfelt of de ondersteuning door iemand uit het sociaal netwerk van goede kwaliteit is, kan zij besluiten om een pgb eerst voor een korte duur toe te kennen. Na deze periode wordt de kwaliteit opnieuw getoetst en volgt een nieuw besluit. Ook kan het college bij lichte twijfel met de inwoner de mogelijkheid bespreken om de ondersteuning deels bij iemand uit het sociaal netwerk in te kopen en deels bij of onder toezicht van een professionele zorgverlener. Het is immers denkbaar dat bepaalde vormen van ondersteuning/ handelingen, na een periode van instructie/toezicht door een professional, zelfstandig uitgevoerd kunnen worden door een persoon die daarvoor oorspronkelijk niet is opgeleid. Ondersteuning geboden door huisgenoten Wanneer het college na haar kritische toets een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb toekent voor ondersteuning van een huisgenoot, beperkt de inzet vanuit het pgb zich tot de ondersteuning die de gebruikelijke hulp overstijgt. Voor de volledigheid wordt nogmaals genoemd dat een pgb bedoeld is om de noodzakelijke ondersteuning in te kopen en niet benut mag worden om een inkomen te verbeteren of verlies van inkomsten te compenseren.

Rechtspraak bij dit artikel