Nieuwe of uitbreidingsinvesteringen
Deze investeringen betreffen nieuwe activiteiten, waar tot nu toe (nog) geen lasten voor in de begroting waren opgenomen of die het gevolg zijn van uitbreidingslocaties voor woningbouw en/of bedrijven. De dekking van investeringen betreffende nieuwe activiteiten dekken we op basis van de onder 7.1 opgenomen algemene uitgangspunten.
De investeringen, die voortvloeien uit de aanleg van uitbreidingslocaties dekken we ineens door de opbrengsten uit grondverkopen. Hierbij zijn de navolgende hoofdgroepen te onderscheiden: wegen, openbaar groen en rioleringen. Het betreft zowel investeringen met economisch nut als investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut. Op basis van het gestelde in het BBV en 5.1 van deze nota zouden we deze investeringen feitelijk moeten activeren. Echter omdat de dekking in de grondprijs is verdisconteerd zijn deze investeringen feitelijk onderdeel van de voorraden (onderhanden werk) en schrijven we hier niet op af. Nadat een nieuwe uitbreidingslocatie is voltooid, dat wil zeggen alle investeringen zijn gedaan en alle gronden zijn verkocht dan dragen we de wegen, openbaar groen en rioleringen over aan de Algemene Dienst (AD). Binnen de AD wordt vervolgens voor het beheer, onderhoud en op den duur ook de vervangingsinvesteringen zorg gedragen.
Vervangingsinvesteringen en levensduur verlengende investeringen
Vervangingsinvesteringen, die voortvloeien uit economische veroudering of slijtage dienen in principe te worden gedekt uit de vrijval van kapitaallasten. Omdat de vrijvallende kapitaallasten gebaseerd zijn op oude investeringsbedragen en de vervangingsinvesteringen veelal duurder zijn dan oorspronkelijk zijn er wellicht onvoldoende structurele dekkingsmiddelen.
Er wordt (jaarlijks) een investeringsplanning opgesteld, waarbij in beeld wordt gebracht welke
nieuwe investeringen of uitbreidingsinvesteringen de komende tien jaar worden verwacht met een raming van de bijbehorende kapitaallasten. Voor deze kapitaallasten is in principe geen dekking in de begroting aanwezig, maar door het inzicht dat de investeringsplanning biedt, kan via reguliere besluitvorming in perspectievennota dekking worden gevonden voor dit structureel nieuw beleid.
vervangingsinvesteringen en levensduur verlengende investeringen plaats vinden na afloop van de economische levensduur van de geactiveerde investeringen. De inschatting van de omvang van de investeringen en bijbehorende kapitaallasten kan worden afgezet tegen de in de begroting structureel beschikbare middelen voor deze investering. Indien blijkt dat in de begroting onvoldoende structurele middelen beschikbaar zijn, bijvoorbeeld door prijsstijgingen, kan via reguliere besluitvorming in de perspectievennota dekking worden gevonden voor deze structurele verzwaring van het bestaande beleid.
De investeringsplanning wordt eenmaal per jaar geactualiseerd bij het opstellen van de perspectievennota en hiervan wordt een samenvatting opgenomen in de (meerjaren)begroting.
Structureel houdbare financiën
Voor een houdbaar en duurzaam financieel beleid ten aanzien van de dekking van investeringen en kapitaallasten handhaven we (sinds 2016):
De jaarlijkse vrijval van kapitaallasten verwerken als incidentele toevoeging aan de Argi.
De investeringsplanning waarbij we in beeld brengen:
nieuwe investeringen of uitbreidingsinvesteringen die de we de komende tien jaar verwachten met een raming van de bijbehorende kapitaallasten. Voor deze kapitaallasten hebben we geen dekking in de begroting, maar door het inzicht dat de investeringsplanning biedt, kunnen we via de reguliere besluitvorming in perspectievennota dekking vinden voor dit structureel nieuw beleid.
vervangingsinvesteringen en levensduurverlengende investeringen die plaats vinden na afloop van de economische levensduur van de geactiveerde investeringen. De inschatting van de omvang van de investeringen en bijbehorende kapitaallasten kunnen we afzetten tegen de in de begroting structureel beschikbare middelen voor deze investering. Indien blijkt dat in de begroting onvoldoende structurele middelen beschikbaar zijn, bijvoorbeeld door prijsstijgingen, kunnen we via reguliere besluitvorming in de perspectievennota dekking vinden voor deze structurele verzwaring van het bestaande beleid. De investeringsplanning actualiseren we eenmaal per jaar bij het opstellen van de perspectievennota en hiervan nemen we een samenvatting op in de paragraaf kapitaalgoederen. De budgetten ter dekking van de kapitaallasten indexeren we jaarlijks conform het percentage voor prijsindex, zoals opgenomen in de begroting/perspectievennota. Hiermee beogen we het budget voor kapitaallasten mee te laten stijgen met de inflatie. Als bij vervanging blijkt dat de kostprijs is gestegen door inflatie, kunnen we de hogere kapitaallasten opvangen “binnen budget”.
Om te komen tot een ‘volledig’ systeem waarbij de begroting structureel dekking geeft voor de kapitaallasten van ‘structurele’ investeringen, gaat een lange periode vooraf. Dit komt omdat op veel investeringen afschrijvingen hebben plaatsgevonden en de vrijval van de kapitaallasten in de loop van de jaren is verwerkt als mutatie op het begrotingsresultaat.
Hoofdstuk 7.
Artikel 7.2
Investeringscategorieën
Onderdeel van Nota activeren, waarderen en afschrijven gemeente Tynaarlo 2020