Naar hoofdinhoud
1.. De subsidie voor het aanbieden van een peuterprogramma, zoals bedoeld in artikel 3, lid 1, van deze subsidieregeling, aan een peuter ZKT, wordt gebaseerd op het aantal uren dat de peuter ZKT per week aan het peuterprogramma deelneemt, vermenigvuldigd met het uurtarief. Het uurtarief wordt als volgt berekend: Het uurtarief kinderopvangtoeslag verhoogd met 50% en vervolgens verminderd met het uurtarief ouderbijdrage, zoals vermeld in artikel 6, sub a. 2.. De subsidie voor het aanbieden van een peuterprogramma, zoals bedoeld in artikel 3, lid 2, van deze subsidieregeling, aan een VVE-peuter ZKT, wordt gebaseerd op het aantal uren dat de VVE-peuter per week aan het peuterprogramma deelneemt, vermenigvuldigd met het uurtarief. Het uurtarief wordt als volgt berekend: Het uurtarief kinderopvangtoeslag verhoogd met 62,5% en vervolgens verminderd met het uurtarief ouderbijdrage, zoals vermeld in artikel 6, sub b. 3.. De subsidie voor het aanbieden van een peuterprogramma, zoals bedoeld in artikel 3, lid 2, van deze subsidieregeling, aan een VVE-peuter MKT, wordt gebaseerd op het aantal uren dat de VVE-peuter per week aan het peuterprogramma deelneemt, vermenigvuldigd met het uurtarief kinderopvangtoeslag. 4.. De subsidie voor deelname aan netwerkbijeenkomsten, alsmede het voeren van overleg met de GGD/JGZ, inzake de plaatsing van VVE-peuters, zoals bedoeld in artikel 3, lid 3, van deze subsidieregeling, bedraagt op jaarbasis € 1.970 per aanvrager.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel