Naar hoofdinhoud
1.. De Kredietbank voert een adequaat beleid dat een integere uitoefening van zijn bedrijf waarborgt. 2.. De Kredietbank ziet erop toe dat de Kredietbank of haar medewerkers in de uitvoering van hun taken integer handelen en geen handelingen verrichten die het vertrouwen in de Kredietbank of in de financiële markten kunnen schaden. 3.. De Kredietbank is niet met personen verbonden in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur die in zodanige mate ondoorzichtig is dat deze een belemmering vormt of kan vormen voor het adequaat uitoefenen van toezicht op de Kredietbank. 4.. De Kredietbank richt de bedrijfsvoering zodanig in dat deze een beheerste en integere uitoefening van haar bedrijf waarborgt. 5.. De Kredietbank stelt de beheerste en integere bedrijfsvoering vast op basis van de in artikelen 4:11 en 4:15 Wft e.v. genoemde bepalingen.

Rechtspraak bij dit artikel