Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Beleidsdoelstelling

Onderdeel van Nadere regel subsidie sociale prestatie en dagondersteuning

Bedoeling van de nadere regel De gemeente wil dat Utrechters in een kwetsbare situatie worden ondersteund zodat zij kunnen meedoen in Utrecht en de dag zinvol kunnen invullen. Niet iedereen kan een arbeidsprestatie leveren (betaald werk), maar een sociale prestatie is vaak wel mogelijk. Mensen die – op welke manier dan ook- actief zijn en ‘onder de mensen komen’, zitten namelijk lekkerder in hun vel, hebben meer structuur in hun leven en kunnen zich beter (zelfstandig) redden. Om meedoen in de samenleving voor Utrechters in een kwetsbare situatie te bevorderen, verstrekken we subsidie volgens deze Nadere regel subsidie sociale prestatie en dagondersteuning. De activiteiten Sociale prestatie en Dagondersteuning (SPDO) worden georganiseerd in een breder palet van zorg en ondersteuning, vormgegeven in het Utrechts model. Daarop zijn de volgende leidende principes van toepassing: Leefwereld centraal: de inwoner in het dagelijks leven staat centraal Doen wat nodig is: maatwerk bieden aan de hand van de vraag en in aanvulling op het eigen netwerk van mensen. Streven naar eenvoud: de inhoud is leidend, niet het systeem. Uitgaan van mogelijkheden: aansluiten bij wat inwoners en zijn/haar omgeving zelf kunnen. Zo nabij mogelijk: ondersteuning beschikbaar in de eigen buurt en in aansluiting bij de inwoners en de omgeving daar omheen. De ADSU (Aan de slag in Utrecht, netwerk van 17 Wmo zorgaanbieders, gemeente en UWV) heeft aanvullend hierop het volgende leidende principe afgesproken: ‘Werk is de beste zorg’. Hiermee wordt bedoeld dat activering als startpunt wordt gezien van hulp en ondersteuning. Activiteiten SPDO maken deel uit van de Utrechtse sociale basis en daarbinnen van de basisinfrastructuur. Het aanbod is een manier om de ‘beweging naar voren’ te faciliteren. Hiermee bedoelen we dat inwoners gewoon kunnen meedoen, problemen klein blijven en mensen preventief ondersteund worden, waardoor minder inwoners een beroep doen op zorg. Het lukt Utrechters in een kwetsbare situatie onder andere door deelname aan deze activiteiten om langer zelfstandig thuis te wonen en om na een periode van niet zelfstandig wonen weer goed hun plek in de buurt vinden. Voor kinderen en jongeren biedt deelname aan activiteiten positieve ervaringen, een groter zelfvertrouwen en een steuntje in de rug. De deelnemers dienen te worden gestimuleerd om naar vermogen een actieve bijdrage te leveren aan de activiteit, de locatie en/of de groep deelnemers. Iedere deelnemer heeft een rol, hoe groot of klein ook. Deelnemers helpen elkaar. Zo ervaren de deelnemers dat zij ertoe doen, deel uitmaken van de groep en daarmee de samenleving. Deelnemers versterken hun gevoel van regie op het leven, er wordt gewerkt aan empowerment (meedoen). Voor kwetsbare ouderen is het doel van deze regeling hen te ondersteunen bij een zinvolle daginvulling. De dagondersteuning speelt daarbij een rol in het kader van preventie van eenzaamheid en sociaal isolement en het behoud van vitaliteit, zelfredzaamheid en zelfregie. Voor kinderen en jongeren is het doel van deze regeling het bieden van groepsactiviteiten die erop gericht zijn kinderen en jongeren een zinvolle vrijetijdsbesteding te bieden en ze te ondersteunen in de opbouw en versterking van hun zelfvertrouwen. Daarmee krijgen zij een goede basis voor hun ontwikkeling zodat zij gezond en veilig kunnen opgroeien. Kinderen en jongeren vervullen een actieve rol bij het aandragen van ideeën, de voorbereiding en de uitvoering van activiteiten. Deze manier van werken verhoogt de kans op het bevorderen van het zelfvertrouwen. Het gaat om laagdrempelige activiteiten die preventief zijn van aard en daarmee de vraag naar specialistische jeugdhulp voorkomen of verminderen. Doelen van de activiteiten De activiteiten SPDO bieden deelnemers een reden om het huis uit te komen en samen met anderen iets te doen of leren, met ondersteuning op het niveau dat bij hen past. De activiteiten hebben drie gelijkwaardige doelen: de deelnemer stabiliseert, zet stappen als dat kan en wordt begeleid naar meer zorg als dat nodig is. Voor kinderen en jongeren bieden de activiteiten ruimte om de benodigde (sociale) vaardigheden op te doen, om verder te ontwikkelen en mee te kunnen doen in de samenleving. Stabiliseren: Door mee te doen aan de activiteiten kunnen deelnemers de zinnen verzetten en weer positieve energie opdoen. Dat versterkt de stabiliteit en het dagritme. Deelnemers kunnen te maken hebben of hebben te maken gehad met een instabiele periode. Onzekerheid en problemen voeren of voerden de boventoon door de lastige levensomstandigheden waar zij mee te maken hebben (gehad). Deelnemers leren omgaan met hun beperkingen of omstandigheden. Ook wordt achteruitgang van vaardigheden en sociaal isolement voorkomen. Stappen zetten: De aanbieder signaleert potentie bij de deelnemers. De uitdaging voor de aanbieder is om deelnemers perspectief te bieden, in hun groei te faciliteren en motiveren, maar tegelijkertijd niet te veel te eisen met terugval als gevolg. Sommige deelnemers zetten kleine stappen in een langzaam tempo, anderen gaan sneller. Het kunnen stappen zijn binnen het aanbod of het kan gaan om uitstroom. Voor ouderen geldt dat ouderdom een onomkeerbaar proces is. Stappen zetten is voor hen niet het doel. Deelnemers kunnen in 1 of 2 van de volgende richtingen stappen zetten: richting een meer zelfstandige invulling van de vrije tijd en het sociale netwerk. Dat kan met welzijns-, sport- of cultureel activiteitenaanbod zijn in de sociale basis. richting betaald werk, om zo zelfstandigheid op te bouwen met betrekking tot het verdienen van een eigen inkomen. Dit kan ook werk met ondersteuning zijn. Meer zorg als dat nodig is: De deelnemers kunnen zorgbehoevender worden waardoor de ondersteuning door middel van SPDO niet meer afdoende is. Het kan ook zo zijn dat iemand naast de activiteiten (tijdelijk) andere hulp nodig heeft bijvoorbeeld van het buurtteam of uit de aanvullende zorg. In dat geval is het belangrijk dat de aanbieder dit signaleert en passend verwijst zodat de deelnemer de benodigde hulp of begeleiding kan gaan ontvangen.

Rechtspraak bij dit artikel