Indien en voor zover de aanslagen van verschillende gemeentelijke belastingen worden verenigd op één aanslagbiljet, worden deze in onderstaande volgorde ten name gesteld van de belastingplichtige die:
ingevolge de onderdelen 1 en 2 kan worden aangewezen;
ingevolge onderdeel 3 kan worden aangewezen;
ingevolge onderdeel 4 kan worden aangewezen.