Naar hoofdinhoud

Artikel 3:

Uitzonderingen vergunningsplicht

Onderdeel van Bomenverordening Geldrop-Mierlo 2019

Een omgevingsvergunning als genoemd in artikel 2 is niet vereist ingeval de activiteit vellen betrekking heeft op: een houtopstand met een diameter van de stam van maximaal 20 centimeter gemeten op 1,3 meter boven maaiveld. een houtopstand die, gemeten vanaf het hart van de boom, op minder dan 2 meter vanaf de gevel van een gebouw, mits groter dan 2 m², staat. een houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of krachtens een daartoe strekkend besluit van het college van burgemeester en wethouders dan wel de burgemeester, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 11 van deze verordening. het vellen van een houtopstand ter uitvoering van het reguliere onderhoud, waaronder mede begrepen dunning, het periodiek knotten, dan wel periodiek kandelaberen als noodzakelijke beheermaatregel bij knotbomen, gekandelaberde bomen of leibomen. houtopstanden op percelen in particulier eigendom. het vellen op basis van een door het bevoegd gezag vastgesteld beheer- of onderhoudsplan van het groen. houtopstanden buiten de bebouwde kom voor zover gelegen op erven of in tuinen; houtopstanden buiten de bebouwde kom, voor zover de houtopstanden een zelfstandige eenheid vormen die: a. een kleinere oppervlakte hebben dan 10 are; b. bestaan uit rijbeplanting van niet meer dan 20 houtopstanden, gerekend over het totale aantal rijen. wegbeplanting en eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, beide voor zover bestaande uit populieren of wilgen, tenzij deze zijn geknot. vruchtbomen en windschermen om boomgaarden. fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel