Op basis van de landschappelijke analyse in het planMER wordt voor zonneparken een ruimtelijke strategie gevolgd die bestaat uit realisatie van grote zonneparken binnen de jonge zandontginningsgebieden, eventueel aangevuld met middelgrote zonneparken in de oude zandontginningsgebieden. In alle gevallen moet rekening worden gehouden met de lokale draagkracht van het landschap.
De beoordeling vindt plaats op basis van de volgende criteria:
Karakteristiek
Bestaande structuren en patronen
Cultuurhistorische waarden
Zichtbaarheid
Aantasting door verdichting
Maat en schaal
Mitigerende maatregelen
Voorliggend beleid en toetsingskader is van toepassing op grootschalige zonneparken. Hieronder verstaan we alle grondgebonden zonneparken waarvoor een aanpassing nodig is van het bestemmingsplan. Binnen de grootschalige zonneparken onderscheiden we drie omvangniveaus:
Grote zonneparken (met een omvang van 10 hectare of meer) zijn alleen toegestaan in de jonge zandontginningsgebieden, omdat dit het enige landschapstype is waar grote aaneengesloten ruimtes voorkomen. Deze grens van 10 hectare volgt uit de landschappelijke beoordeling die is uitgevoerd in het kader van het PlanMER.
Middelgrote zonneparken (met een omvang van 2 tot 10 hectare) zijn inpasbaar in de oude zandontginningslandschappen. In dergelijke landschappen zijn grootschalige zonneparken niet inpasbaar, maar leent het landschap zich wel voor inpassing van middelgrote parken.
Locatiegebonden (met een omvang van minder dan 2 hectare) worden bij voorkeur toegestaan op en ten grootte van agrarische bouwblokken en bedrijfslocaties, alsook op de plaats van te slopen voormalige bedrijfsgebouwen.
Zie voor de genoemde landschapstypen het planMER.
Figuur 8 toont waar grote en middelgrote zonneparken mogelijk zijn en waar zonneparken in principe niet gewenst zijn.
Figuur 8. Beleidskaart zonneparken
Naast de energietransitie spelen meer thema’s een rol in het landschap (bijvoorbeeld transitie landelijk gebied, economie en mobiliteit). In iedere individuele Kempengemeente worden projectvoorstellen voor grootschalige energieopwekking met zonne- en windenergie afgewogen tegen andere beleidsthema’s.
Mede op basis van andere thema’s worden door de individuele Kempengemeenten gebieden opengesteld voor zonneparken binnen de kaart zoals getoond in Figuur 8. Dat betekent dat initiatiefnemers altijd moeten nagaan welke gebieden opengesteld zijn of worden. Zie ook paragraaf 4.2.
Toelichting o.b.v. de landschappelijke beoordeling
Jonge zandontginning: grootschalige open gebieden met een rationele indeling met rechte kavels en wegen welke zich goed lenen voor grootschalige zonneparken. In dit gebied is een grootschalige aanpak mogelijk. Er kan gekozen worden voor een aantal geconcentreerde clusters in of tegen de jonge bossen aan, waardoor visueel de bossen vergroot worden. Hiervoor kunnen het beste gebieden ingezet worden waar de aantasting van de karakteristiek van beekdalen of oude zandontginningen minimaal is en waar verdichting een minimale aantasting van de karakteristiek van het landschap is.
Oude zandontginning: middelgrote zonneparken kunnen gekoppeld worden aan de dorpen, met hier en daar een los zonnepark in de tussenliggende gebieden. Maatwerk is van belang omdat het landschap heel divers is vanwege de beken, oude akkercomplexen en historische structuren. Er zijn veel erven (aan de linten) waaraan een kleinschalig zonnepark gekoppeld kan worden, dat volledig kan worden ingepast met erfbeplanting .
Zonneparken in principe niet wenselijk: uit het planMER volgen gebieden waar zonneparken vanuit wet- en regelgeving niet mogelijk Beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen 32 zijn. Daarnaast blijkt uit de landschappelijke beoordeling dat bepaalde gebieden niet geschikt zijn (beekdalen, landgoederen, Cartierheide en het oude zandlandschap van Oerle-Knegsel.
Militair oefenterrein: het militaire oefenterrein Oirschot valt buiten de reikwijdte van het beleids- en toetsingskader.
Bebouwde kom: locatiegebonden zonneparken binnen de bebouwde kom zijn mogelijk op basis van de uitgangspunten van de zonneladder (paragraaf 5.3.2).
Hoofdstuk 5
Artikel 5.3.1
Ruimtelijke strategie zonneparken
Onderdeel van Gemeente Bergeijk - Beleid Grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen