Dit hoofdstuk van de Beleidsregel is van toepassing op grond of baggerspecie met PFAS, die op de landbodem van het grondgebied van de gemeente Aalsmeer na de inwerkingtreding van de Beleidsregel, wordt toegepast en met betrekking tot welke de gemeente Aalsmeer bevoegd gezag is in de zin van het Besluit. De gestelde regels gelden voor grond die bij ontgraving van oorsprong als geheel afkomstig is uit het bodembeheergebied of, uit een gemeente die vergelijkbaar beleid heeft opgesteld voor hergebruik van PFAS-houdende grond, waardoor uitwisselbaarheid mogelijk is gemaakt, én zelf ook grond uit het beheergebied accepteert. De gestelde regels gelden voor bagger die afkomstig is van binnen de gemeentegrens van Aalsmeer.
Grond en baggerspecie die afkomstig is van verwerkingsinrichtingen, zoals grondopslag, grondbanken en grondreinigingsbedrijven vallen ook binnen de reikwijdte van de Beleidsregel, indien de herkomst onder dezelfde voorwaarden valt. Hierbij mag geen vermenging optreden met grond die afkomstig is van buiten het bodembeheergebied, dan wel met bagger van buiten de gemeentegrenzen van de gemeente Aalsmeer.
Uitgangspunt is het stand-still beginsel voor grond binnen het beheergebied en bagger binnen de gemeentegrens. De oorsprong van bijvoorbeeld tijdelijke opslag of gereinigde grond moet door middel van een sluitende administratie kunnen worden aangetoond.
Grond en baggerspecie welke binnen de wettelijke kaders tijdelijk was opgeslagen binnen het beheergebied van de gemeente Aalsmeer vóór het in werking treden van de eerste versie van de Beleidsregel, met het doel deze binnen het beheergebied toe te passen, mag eveneens worden toegepast conform de Beleidsregel.
De Beleidsregel geldt niet voor:
het toepassen van grond of baggerspecie door natuurlijke personen (particulieren) anders dan in de uitoefening van beroep of bedrijf;
het toepassen van grond of baggerspecie binnen een landbouwbedrijf, indien de grond of baggerspecie afkomstig is van een tot dat landbouwbedrijf behorend perceel waarop een vergelijkbaar gewas wordt geteeld als op het perceel waar de grond of baggerspecie wordt toegepast.
De Beleidsregel is niet van toepassing op grond die geheel of gedeeltelijk afkomstig is van buiten het beheergebied (en gelijkgestelde gemeenten) of op bagger van buiten de gemeentegrenzen, evenals levering onder of in aanvulling op een certificaat vanuit een daartoe door het ministerie erkende verwerkingsinrichting. Uitzondering hierop is het principiële bestuurlijke beleidsregeluitgangspunt van (dubbele) toetsing op individueel PFAS-stofniveau (strengste eis van bodemfunctie en ontvangende bodemkwaliteit per stof). Rekening houdend met dit uitgangspunt wordt voor die grond en bagger verder verwezen naar het toetsingskader en -waarden van het Tijdelijk Handelingskader van het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat.
Hoofdstuk 2
Artikel 2