Naar hoofdinhoud
Rapportage De politie informeert de burgemeester zo spoedig mogelijk na een constatering van een overtreding van de Opiumwet door middel van een politierapportage aan de Burgemeester. Bestuurlijke maatregel Op basis van deze beleidsregels bepaalt de burgemeester welke bestuurlijke maatregel moet volgen op de geconstateerde overtreding in of vanuit het pand. In beginsel wordt er dus overeenkomstig deze beleidsregels besloten. Alleen op basis van feiten en omstandigheden kan de burgemeester in bijzondere gevallen gemotiveerd afwijken van de maatregelen zoals in deze beleidsregel is vastgesteld (artikel 4:84 Awb. de zogenaamde inherente afwijkingsbevoegdheid). Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat bij zeer ernstige overtredingen een stap wordt overgeslagen of een pand voor een langere periode wordt gesloten. Voorbereiding van het besluit tot last onder bestuursdwang of last onder dwangsom Ter voorbereiding van een besluit tot het opleggen van een last onder bestuursdwang of dwangsom, wordt in beginsel het voornemen bekend gemaakt waartegen zienswijzen, hetzij schriftelijk, hetzij mondeling, kunnen worden ingediend (artikel 4:8 en 4:9 Awb). Hiervan wordt afgezien indien de vereiste spoed zich daartegen verzet (artikel 4:11, onder a Awb). Begunstigingstermijn bij last onder bestuursdwang Behoudens spoedeisende gevallen wordt in de regel bij sluiting een begunstigingstermijn geboden. Deze termijn verschaft de betrokken exploitant of eigenaar de gelegenheid zelf uitvoering te geven aan een bevel tot sluiting op basis van artikel 13b Opiumwet. Gedurende deze termijn kan betrokkene de nodige voorbereidingen treffen, zoals het verwijderen van bederfelijke etenswaar en andere spullen en/of afsluiten van water en elektriciteit. Blijkt betrokkene na afloop van de begunstigingstermijn geen uitvoering te hebben gegeven aan het op grond van artikel 13b Opiumwet gegeven sluitingsbevel van de burgemeester, dan wordt dit door of namens de burgemeester uitgevoerd. Daarbij kunnen de eventuele kosten worden verhaald (op degene wie de begunstigingstermijn aangaat). Ingevolge artikel 5:24, vijfde lid, van de Awb behoeft bij een beslissing tot toepassing van bestuursdwang geen begunstigingstermijn te worden gegund, indien de vereiste spoed zich daartegen verzet. Als spoedeisend geval waarbij geen begunstigingstermijn wordt gegund, wordt in ieder geval aangemerkt de handel in en/of aanwezigheid van harddrugs in een voor het publiek openstaande ruimte. Bij handel in en/of aanwezigheid van harddrugs in een voor het publiek openstaande ruimte is de openbare orde dermate sterk betrokken dat niet behoeft te worden gewacht tot de eigenaar/beheerder ervan in de gelegenheid is gesteld zelf maatregelen te treffen. Grondslag hiervoor vormt het feit dat handel en gebruik in harddrugs een ontwrichtend effect heeft op de bewegingsvrijheid van burgers, het begaan van misdrijven in de hand werkt en een zodanig uitstralend negatief effect heeft dat daardoor de openbare orde wordt aangetast. Bestuursdwang (sluiting) Bij voorbereidingshandelingen/aanwezigheid of handel in drugs in lokalen wordt gekozen voor een sluiting (het toepassen van last onder bestuursdwang). Een sluiting wordt gezien als het meest effectieve middel om de overtreding ongedaan te maken, een einde te maken aan de handel in drugs vanuit dat pand en de loop naar dat pand te ontnemen, zodat klanten en dealers geen gebruik meer maken van dat pand voor de handel in drugs. Gezien het grote financiële gewin in het circuit van de drugshandel, mag van een dwangsom weinig effect worden verwacht, in de zin dat naar verwachting niet zal worden bereikt dat een overtreding ophoudt of niet meer wordt herhaald. Bestuursdwang is een effectiever middel. Sluiting zal in de regel gebeuren door het sluiten van de deuren en ramen van het pand en de verzegeling hiervan, het is ook mogelijk dat de toegang van het pand fysiek dichtgemaakt wordt. Bij het toepassen van een sluiting/ bestuursdwang, wordt het (niet) voor het publiek toegankelijke lokaal gesloten. Op grond van art. 2:41 van de APV van de gemeente Altena is het verboden om een door de burgemeester op grond van art. 13b Opiumwet gesloten woning, een niet voor publiek toegankelijk lokaal of een bij die woning of dat lokaal behorend erf te betreden. Een bekendmaking van het besluit tot sluiting alsmede een (waarschuwings)bord o.i.d. wordt duidelijk zichtbaar aangebracht op het te sluiten pand/perceel. Dwangsom Een last onder dwangsom wordt toegepast wanneer in een woning voorbereidingshandelingen en/of een eerste overtreding van de Opiumwet wordt geconstateerd met betrekking tot softdrugs. Nadere uitleg over de toepassing van de dwangsom, is al opgenomen 3.3.2 Softdrugs (in een woning). Registratie van het besluit Op grond van de Wet Kenbaarheid Publiekrechtelijke Beperkingen Onroerende Zaken (WKPB) moet een bestuursorgaan dat publiekrechtelijke beperkingen mag opleggen (bijvoorbeeld een sluiting) hiervan een registratie (beperkingenregister) bijhouden. Daarnaast is het bestuursorgaan verplicht de gegevens over kadastrale objecten waarop een beperking rust te melden aan de zogenaamde Landelijke Voorziening. Dit betekent dat elk besluit dat op basis van artikel 13b Opiumwet wordt genomen centraal binnen de gemeente wordt geregistreerd waarna de melding aan de Landelijke Voorziening wordt verzorgd. Iedereen kan op deze wijze kennis nemen van eventueel van kracht zijnde of eerdere sluiting(en) van een pand of perceel. Intrekken vergunning Indien van toepassing, zal naast de bestuurlijke handhaving op grond van artikel 13b Opiumwet, bij elke constatering van een overtreding van de Opiumwet de mogelijkheid worden bezien van intrekking van de Drank- en Horecawetvergunning op grond van artikel 31 eerste lid, sub d, van de Drank- en Horecawet, dan wel de exploitatievergunning woon- en leefklimaat op grond van artikel 2:28 (lid 3) van de APV van de gemeente Altena.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel