Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening individuele voorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning Gemeente Lochem
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Lochem, op 8 december 2009
De voorzitter, De griffier,
F.J. Spekreijse J.P. Stegeman
Algemene toelichting
Vanaf 1 januari 2007 is de Wet maatschappelijke ondersteuning (hierna: de wet) van kracht. In artikel 5 van de wet is bepaald dat gemeenten bij verordening regels stellen.
Relevant bij het stellen van regels is dat bij amendement het compensatiebeginsel in artikel 4 aan de wet is toegevoegd. Dit begrip vormt de kern van de wet. Het begrip is afkomstig van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg en “vertaald” bij amendement en in de wet opgenomen. Het is vooral de toelichting op het amendement dat informatie geeft over de bedoeling van de wetgever met het begrip compensatieplicht. De toelichting stelt:
“Ter vervanging van de verplichting gedurende drie jaar om te voorzien in genoemde producten en diensten strekt het nieuw geformuleerde artikel ertoe de algemene verplichting aan gemeenten op te leggen om beperkingen in de zelfredzaamheid op het gebied van het voeren van een huishouden, het zich verplaatsen in en om de woning en om zich lokaal per vervoermiddel te verplaatsen, weg te nemen. Onder zelfredzaamheid wordt in dit verband verstaan het lichamelijke, verstandelijke, geestelijke en financiële vermogen om zelf voorzieningen te treffen die deelname aan het normale maatschappelijke verkeer mogelijk maken. Onder normale deelname aan het maatschappelijke verkeer wordt in ieder geval verstaan het kunnen voeren van een huishouden; het normale gebruik van een woning; het zich in en om de woning kunnen verplaatsen; het zich zodanig kunnen verplaatsen dat aansluiting kan worden gevonden bij regionale, bovenregionale en landelijke vervoerssystemen; het kunnen ontmoeten van andere mensen en het aangaan en onderhouden van sociale verbanden om op die manier te kunnen deelnemen aan het lokale sociaal-maatschappelijk leven. Voor de gemeentelijke uitvoeringspraktijk biedt de International Classification of Functions, Disabilities and Impairments (ICF classificatie) een uniform begrippenkader dat als grondslag kan dienen om de behoefte aan voorzieningen in individuele gevallen vast te stellen.
De opdracht om compenserende voorzieningen te treffen wordt met in artikel 4 bij wet gegeven. De normering ervan wordt in overeenstemming met de bestuurlijke structuur van de wet op het lokale niveau bepaald met inachtneming van alle bepalingen over de totstandkoming van het lokale beleid en de betrokkenheid van burgers en cliënten daarbij.”
Omdat een begripsomschrijving van het compensatiebeginsel in zowel de wet als in het amendement ontbreekt, is in de verordening maatschappelijke ondersteuning Lochem een begripsomschrijving opgenomen, in artikel 1.0. onderdeel h.
In de verordening is vorm gegeven aan het compensatiebeginsel zonder de regels van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg) en de regels rond de functie huishoudelijke verzorging uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) geheel los te laten. Dit vooral omdat het overgangsrecht zoals geregeld in de wet, personen die al een voorziening ontvangen, maximaal één jaar het behoud van de oude rechten op grond van de of de AWBZ biedt.
Het overgangsrecht gaat er ook van uit dat voor alle nieuwe aanvragen tot drie maanden nadat de gemeentelijke verordening maatschappelijke ondersteuning is vastgesteld, de regels uit de Wvg en AWBZ gelden.
Het compensatiebeginsel geldt op grond van artikel 4, lid 1 van de wet voor de onderdelen:
een huishouden te voeren,
zich te verplaatsen in en om de woning,
zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel en
medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan.
Uitgaande van het overgaan van de voormalige Wvg-voorzieningen: de woonvoorzieningen, de vervoersvoorzieningen en de rolstoelen uitgebreid met de functie huishoudelijke verzorging uit de AWBZ naar de Wmo zijn de onderdelen uit artikel 4 van de wet in deze verordening als volgt uitgewerkt:
onder het voeren van een huishouden wordt verstaan: zowel het wonen, in het bijzonder de woonvoorzieningen, als de functie huishoudelijke verzorging;
zich verplaatsen in en om de woning: de rolstoel inclusief (uitsluitend) de sportrolstoel;
zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel: de vervoersvoorzieningen;
het ontmoeten van medemensen en het daaruit volgende aangaan van sociale verbanden wordt beschouwd als doelstelling voor de eerste drie verstrekkingenterreinen.
Deze indeling is in deze verordening terug te vinden in de hoofdstukindeling.
In artikel 4 van de wet wordt de gemeente opgedragen ten behoeve van de compensatie "voorzieningen te treffen". De wet stelt dus niet dat het steeds om individuele voorzieningen moet gaan. Om te voorzien in het snel en regelarm treffen van veel voorkomende eenvoudige voorzieningen is in deze modelverordening het begrip "algemene voorzieningen" opgenomen. In deze verordening wordt het begrip algemene voorziening geïntroduceerd voor alle onderdelen van het compensatiebeginsel. De mogelijkheid wordt geschapen voor algemene woonvoorzieningen, algemene huishoudelijke verzorging, algemene vervoersvoorzieningen en algemene rolstoelvoorzieningen.
Bij algemene voorzieningen kan het gaan om scootmobielpools, rolstoelen voor incidenteel gebruik (rolstoelpools), klussen- en boodschappendiensten. Deze opsomming is uitdrukkelijk niet limitatief, aangezien het een nieuw type voorziening betreft, waarvoor de komende jaren nieuwe invullingen zullen ontstaan. Vooral op het terrein van huishoudelijke verzorging is het een nieuw begrip. Op dit moment zullen de algemene voorzieningen maar op beperkte schaal ingezet kunnen worden, omdat deze nog nader uitgewerkt moeten worden voordat ze als adequaat instrument ingezet kunnen worden. In de verordening is mede daarom opgenomen dat als de algemene voorziening niet adequaat is of niet aanwezig is, recht bestaat op een collectieve voorziening of een voorziening in natura.
Algemene voorzieningen zullen in de regel met een minimum aan procedures kunnen worden aangeboden: met geen of slechts een lichte toegangstoets en zonder eigen bijdragen.
De voordelen van deze algemene voorzieningen zijn een snelle en simpele oplossing van de problemen, zonder bureaucratie. In plaats van de soms complexe advisering wordt in dit kader van het veel lichtere begrip toegangsbeoordeling gebruik gemaakt. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling van deze algemene voorzieningen om daarmee de mogelijkheid van de aanvrager tot het kiezen voor een PGB in te perken. De algemene voorziening is alleen bedoeld voor het bieden van compensatie bij kortdurende, niet complexe of incidentele hulpvragen.
In de wet komen voorzieningen uit de Welzijnswet en voorzieningen uit de Wmo en de AWBZ bij elkaar. Voorzieningen die tot 1 januari 2007 onder de Welzijnswet vielen en na die datum onder de wet, worden als voorliggende voorzieningen aangeboden en zijn daarom niet in deze verordening opgenomen.
De verschillende verstrekkingenterreinen worden in de volgende hoofdstukken behandeld. De laatste hoofdstukken zijn gereserveerd voor procedurele aspecten.
Artikelsgewijze toelichting
Voor zover de onderdelen voor zich spreken, zijn deze niet in de toelichting opgenomen. Zo wordt voorkomen dat de opmerking “spreekt voor zich” op meerdere punten in de tekst terug komt. Een aantal algemene begrippen worden geregeld in de Algemene Wet Bestuursrecht.
Hoofdstuk 8
Artikel 8.4
Citeertitel
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Lochem