Ieder lid van het algemeen bestuur komt één stem toe.
De besluitvorming vindt plaats bij gekwalificeerde meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen. Voor het vaststellen van de vereiste meerderheid, vindt zo nodig een afronding naar boven plaats.
Indien bij de totstandkoming van een besluit de stemmen staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
Het algemeen bestuur vergadert en besluit slechts indien twee/derde van het totaal aantal stemmen dat de leden van het algemeen bestuur gezamenlijk bezitten, aanwezig is.
Indien het vereiste aantal leden als bedoeld in het vierde lid niet aanwezig is bij een vergadering, belegt de voorzitter een nieuwe vergadering, welke binnen twee weken dient plaats te vinden.
Het algemeen bestuur kan bij toepassing van het vijfde lid over alle onderwerpen beraadslagen en besluiten nemen ongeacht het aantal aanwezige leden, echter niet als de aanwezige leden slechts één gemeente vertegenwoordigen.