In tabel 4.3 is een totaaloverzicht gegeven van de bodemkwaliteitszones, bodemfunctieklassen, verwachte ontgravingsklassen, toepassingsklassen conform het gemeentelijke beleid.
Op basis van het Besluit en de Regeling en de vastgestelde Lokale Maximale Waarden (§ 4.3) is bepaald tussen welke zones voorafgaand aan de grondstroom al dan niet de chemische kwaliteit van de grond moet worden onderzocht. Bijlage 4 geeft de mogelijkheden van grondstromen binnen en tussen zones weer (grondstromenmatrix). Hierbij moet worden opgemerkt dat deze matrix alleen geldt voor grondstromen tussen locaties die onderdeel uitmaken van de bodemkwaliteitskaart.
Vanwege de verschillende bodemfuncties in de meeste bodemkwaliteitszones, verschillen ook de toepassingseisen (zie ook bijlage 1, kopje ‘Toepassingseis kwaliteit toe te passen grond op of in de bodem (Generiek kader Besluit bodemkwaliteit)’). Ook heeft de gemeente voor aangewezen gebieden aangepaste toepassingseisen vastgesteld. Om te beoordelen of een grondtoepassing is toegestaan, wordt de ontgravingskwaliteit van de toe te passen grond vergeleken met de toepassingseis die is vastgesteld voor de ontvangende bodem. Als de kwaliteit van de toe te passen grond vergelijkbaar of beter is dan de toepassingseis, dan kan de grond worden toegepast (zie ook bijlage 1, kopje ‘Toetsing toepassen grond’). Dus grond met de ontgravingskwaliteit ‘Wonen’ mag worden toegepast op locaties met de toepassingseis ‘Wonen’ of ‘Industrie’. Grond met de ontgravingskwaliteit ‘Industrie’ mag alleen worden toegepast op locaties met de toepassingseis ‘Industrie’ (zie ook hoofdstuk 5).
Tabel 4.3 Totaaloverzicht bodemkwaliteitszones, verwachte ontgravingsklassen, toepassingseisen bij voorkomende functies conform gemeentelijk beleid.
Bodemkwaliteitszone
Bodemfunctie
Verwachte ontgravingsklasse
Toepassingseis (gemeentelijk beleid)
Bovengrond (traject vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte)
Bovengrond Zone Oost
Industrie
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Wonen
Landbouw/natuur
Bovengrond Zone West
Industrie
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Wonen
Landbouw/natuur
Onverharde kinderspeelplaatsen en moes-/volkstuin-(complex)en
Varieert
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur1
Aangewezen onverharde wegbermen met de bodemfunctie Industrie
Industrie
Onbekend
LMW: Industrie2
Oude stortplaatsen (afdeklaag)
Varieert
Onbekend
LMW: Varieert3
Waterkering (in beheer Hoogheemraadschap)
Landbouw/natuur
Onbekend
LMW: Varieert4
De kwaliteitsklasse ‘Landbouw/natuur (Achtergrondwaarde – AW2000)’ (LMW1) moet worden aangetoond met een partijkeuring (zie § 4.6). Ook gelden eisen ten aanzien van bijmenging van bodemvreemd materiaal en asbest (zie § 4.4 en § 4.5).
De gemeente staat toe grond vanuit de onverharde bermen van wegbermen met de bodemfunctieklasse ‘Industrie’ alleen na uitvoeren van een indicatief bodemonderzoek en de onderzoeksresultaten geven aan dat de grond voldoet aan de kwaliteitsklasse ‘Industrie’ weer in onverharde bermen van (spoor)wegbermen met de bodemfunctieklasse ‘Industrie’ mag worden hergebruikt (zie § 4.3.2).
Op oudere stortplaatsen mag voor een betere bovenafdichting grond worden gebruikt met de kwaliteitsklasse ‘Industrie’. Voorwaarden bij deze Lokale Maximale Waarden zijn: (1) Nadat de bovenafdichting voldoet aan de gestelde eisen, vervalt de Lokale Maximale Waarde voor de kwaliteitsklasse ‘Industrie’ en (2) in combinatie met de bovenafdichting moet een afdeklaag worden gerealiseerd van minimaal 0,5 meter dikte met een kwaliteit die voldoet aan de LAC2006-waarden, dan wel de Maximale Waarde voor de kwaliteitsklasse ‘Wonen’ (zie § 4.3.4, tabel 4.1).
Alleen grond in het beheer van het Hoogheemraadschap tot en met de kwaliteitsklasse ‘Industrie’ mag in regionale waterkeringen worden toegepast onder voorwaarde dat deze wordt afgedekt met een teeltlaag van minimaal 30 centimeter dikte. De teeltlaag moet blijkens een partijkeuring minimaal van de kwaliteitsklasse ‘Landbouw/natuur (Achtergrondwaarde – AW2000)’ zijn, of te zijn opgebouwd uit de huidige teeltlaag van de regionale waterkering (zie § 4.3.5).
Vervolg tabel 4.3 Totaaloverzicht bodemkwaliteitszones, verwachte ontgravingsklassen, toepassingseisen bij voorkomende functies conform gemeentelijk beleid
Bodemkwaliteitszone
Bodemfunctie
Verwachte ontgravingsklasse
Toepassingseis (gemeentelijk beleid)
Ondergrond (traject vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte)
Ondergrond Zone Oost
Industrie
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Wonen
Landbouw/natuur
Ondergrond Zone West
Industrie
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Wonen
Landbouw/natuur
Aangewezen onverharde wegbermen met de bodemfunctie Industrie
Industrie
Onbekend
LMW: Industrie2
De gemeente staat toe grond vanuit de onverharde bermen van wegbermen met de bodemfunctieklasse ‘Industrie’ alleen na uitvoeren van een indicatief bodemonderzoek en de onderzoeksresultaten geven aan dat de grond voldoet aan de kwaliteitsklasse ‘Industrie’ weer in onverharde bermen van (spoor)wegbermen met de bodemfunctieklasse ‘Industrie’ mag worden hergebruikt (zie § 4.3.2).
Hoofdstuk 4
Artikel 4.19
Totaaloverzicht gemeentelijk beleid
Onderdeel van Nota bodembeheer gemeente Purmerend