Naar hoofdinhoud
De hogere waarden kunnen volgens artikel 110a lid 5 Wgh alleen worden vastgesteld als de toepassing van maatregelen ter bestrijding van geluidshinder onvoldoende doeltreffend zal zijn of als er ‘overwegende bezwaren (Wgh)’ zijn van: stedenbouwkundige; landschappelijke; verkeerskundige (wegverkeer); vervoerskundige (railverkeer); financiële aard. Bezwaren van stedenbouwkundige of landschappelijke aard, hebben te maken met de inrichting van een gebied. Hierbij wordt een afweging gemaakt of bijvoorbeeld het plaatsen van een geluidsscherm op een bepaalde locatie wel past in de woonomgeving. Bezwaren van verkeerskundige of vervoerskundige aard, hebben betrekking op de onmogelijkheid om verkeersstromen via een andere route te laten lopen of het niet kunnen plaatsen van een geluidsscherm nabij een kruising of spoorovergang. Dit laatste kan leiden tot onoverzichtelijke situaties die gevolgen hebben voor de verkeersveiligheid. Bezwaren van financiële aard steunen op de afweging tussen de kosten voor geluid reducerende maatregelen en de afname van de geluidsbelasting. Als de kosten hoog zijn maar de geluidsbelasting bij de geluidsgevoelige bestemmingen nauwelijks wordt gereduceerd, kunnen de maatregelen op financiële bezwaren stuiten. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om deze criteria te beoordelen. Zij dient te (laten) motiveren welke van deze overwegende bezwaren van toepassing zijn. Dit geldt zowel voor bron- als overdrachtsmaatregelen. In de motivering dient zij ook op te nemen op welke wijze gebruik wordt gemaakt van de in bijlage 5 vermelde (akoestisch) compenserende maatregelen bij de ontvanger. Daarbij geldt in het algemeen: Hoe groter de overschrijding van de voorkeurswaarde, des te meer (akoestische) compensatie er noodzakelijk is. Bij een geluidsbelasting die hoger is dan 10 dB boven de voorkeurswaarde geldt een extra inspanningsverplichting. Het betreft 58 dB voor wegverkeer in binnenstedelijke situaties en 65 dB voor spoorweglawaai. Voor industrielawaai en het geluid van wegverkeer in buiten stedelijke situaties gelden al strengere normwaarden. De gemeente kan haar motivering toelichten met de in bijlage 3 vermelde situaties. Ook eventuele (niet akoestisch) compenserende elementen kan zij ter motivering vermelden. Voor het toepassen van deze beleidsregel en een consequente proceduregang en motivering is een verzoekformulier hogere waarde Wgh ontwikkeld. Het formulier kan worden opgevraagd bij de Omgevingsdienst (info@odru.nl).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel