**1..** De voorzitter zendt ten minste 6 dagen voor een raadsvergadering de leden van de raad langs elektronische weg (e-mail of via het raadsinformatiesysteem) of schriftelijk een oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering
**2..** De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de wet, bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de oproep aan de leden van de raad verzonden.
**3..** Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 13, derde lid, worden deze agenda en de daarop vermelde voorstellen zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk twee werkdagen voor vergadering aan de leden van de raad gezonden.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 1.
Artikel 12.