1. Om in aanmerking te komen voor een werkvoorziening als bedoeld in artikel 2.19 van de verordening moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden:
a. de belanghebbende is woonachtig in Brummen;
b. er is geen sprake van een voorliggende voorziening of andere regeling waaruit de werkvoorziening kan worden bekostigd;
c. de werkvoorziening is niet aan te merken als algemeen gebruikelijk en behoort niet tot de standaarduitrusting van werkgever;
d. de structurele functionele beperking van de belanghebbende heeft naar verwachting een duur van tenminste een jaar;
e. de werkvoorziening is naar verwachting minimaal zes maanden nodig en is nog niet aangeschaft;
f. de werkvoorziening is naar het oordeel van het college noodzakelijk. Het college kan hiervoor medisch of arbeidsdeskundig advies inwinnen.
2. De aanvraag om een werkvoorziening wordt door de belanghebbende ingediend bij het college.
3. In afwijking van het vorige lid kan de werkplekaanpassing ook door de werkgever worden aangevraagd, mits bij de aanvraag een schriftelijke verklaring is bijgevoegd waaruit expliciet blijkt dat de belanghebbende hiervoor toestemming heeft verleend.
4. Het college bepaalt individueel welke gegevens bij de aanvraag overlegd worden.
5. Bij de vergoedingen van een werkvoorziening wordt uitgegaan van de goedkoopste adequate (meeneembare) werkvoorziening die kwalitatief verantwoord is en waarvan de kosten in verhouding staan tot de opbrengsten van uitstroom.
6. Afhankelijk van de aard en de levensduur van de (meeneembare) werkvoorziening wordt deze in de vorm van een financiële vergoeding of in natura verleend. De vergoeding in natura kan in eigendom of in bruikleen worden toegekend.
7. De (vergoeding voor) werkplekaanpassing wordt in beginsel aan de werkgever verstrekt.
8. Bij de vervoersvoorziening wordt een eventuele vergoeding van de werkgever voor deze kosten op de te verlenen voorziening in mindering gebracht.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
Werkvoorzieningen
Onderdeel van VERZAMELBESLUIT NADERE REGELS EN BELEIDSREGELS PARTICIPATIEWET, AANVERWANTE REGELINGEN GEMEENTE BRUMMEN