**1..** Met betrekking tot de uitoefening van de in de artikelen 4 en 5 genoemde taken en bevoegdheden berusten bij het bestuur alle bevoegdheden die niet krachtens deze regeling aan de voorzitter zijn opgedragen.
**2..** Naast de uitoefening van taken en bevoegdheden op grond van het elders in deze regeling bepaalde, is het bestuur in elk geval belast met en bevoegd tot:
het vaststellen van de meerjaren- en jaarlijkse beleidsplannen;
het vaststellen van de kadernota;
het vaststellen en wijzigen van de begroting;
het vaststellen van de jaarrekening;
het opstellen van voorwaarden voor toetreding;
het (mede) oprichten van privaatrechtelijke rechtspersonen.
HOOFDSTUK 3:
Artikel 11