Een aanvraag voor een lening of garantstelling wordt in ieder geval geweigerd indien:
de geplande investeringen niet daadwerkelijk zullen plaatsvinden binnen de daarvoor gestelde termijn;
er geen sprake zal zijn van een duurzaam en langdurig gebruik door de vereniging van de gebouwen of terreinen waarin geïnvesteerd wordt;
er gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de aanvrager niet zal voldoen aan de aan de lening of garantstelling verbonden voorwaarden;
er gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de instelling niet naar behoren aan de betalingsverplichting van rente en aflossing zal kunnen voldoen. De mate waarin de gemeente recht op hypotheek krijgt kan grond zijn voor weigering;
de aanvrager in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt;
Het college heeft het recht om, indien zij van mening is dat de publieke zaak er niet mee gediend is, aanvragen voor een lening of garantie om andere dan de in lid 1 genoemde redenen af te wijzen.
Een rentevoordeel ten opzichte van een financiële instelling is onvoldoende reden voor verstrekking van een lening door de gemeente.
Artikel 5
– Weigeringsgronden
Onderdeel van Beleidsregels voor leningen, borgstellingen en garanties