**1..** De doelstelling van deze subsidie is beschreven in artikel 1 lid 1, 3 en 6.
**2..** De aanvrager is een inwoner of een groep inwoners van Best of een rechtspersoon zonder winstoogmerk die functioneert op basis van vrijwillige inzet zoals een buurt- of wijkorganisatie in Best.
**3..** Subsidie kan worden verleend voor activiteiten die de leefbaarheid en /of sociale verbondenheid in de buurt verbeteren die:
Zorgen voor een toename van de betrokkenheid van inwoners bij hun buurt en buurtgenoten.
Aansluiten op de behoefte in de buurt of de wijk.
(Meer) inwoners en groepen in de buurt de kans geven om mee te doen.
Inwoners een grotere inbreng geven door middel van draagvlakonderzoek en (indien noodzakelijk) wijkraadpleging.
Tevens betrekking kunnen hebben op het plaatsen of aanpassen van voorzieningen in de openbare ruimte.
**4..** Voor de aanvraag geldt het volgende:
De aanvraag moet worden ingediend met behulp van een aanvraagformulier.
In afwijking van de ASV moet de aanvraag tenminste 3 weken voor het begin van de activiteit worden ingediend.
**5..** In afwijking van de ASV wordt binnen 3 weken beslist op een aanvraag om subsidie. Als de aanvraag betrekking heeft op het plaatsen of aanpassen van voorzieningen in de openbare ruimte, bedraagt deze termijn 8 weken.
**6..** De subsidie wordt direct vastgesteld. Burgemeester en wethouders controleren de subsidies steekproefsgewijs.
**7..** Aanvullend op de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 3 gelden de volgende subsidievereisten:
De activiteit is ten gunste van meer inwoners dan alleen de initiatiefnemer(s).
Er moet draagvlak zijn voor de activiteit.
De inwoners leveren zelf een actieve bijdrage aan de activiteit.
De activiteit moet in het jaar van toekenning worden uitgevoerd.
Burgemeester en wethouders kunnen eisen dat de activiteit in Best of in de eigen wijk plaatsvindt.
De te declareren kosten mogen pas worden gemaakt nádat subsidie is toegekend. Kosten die daarvóór worden gemaakt, komen niet in aanmerking voor subsidie.
Vooraf moet de gemeente toestemming geven voor ingrepen en voorzieningen in de openbare ruimte. De gemeente is verantwoordelijk voor de veiligheid en verzekering van voorzieningen die in de openbare ruimte worden aangebracht. Voorafgaand aan de activiteit maken de gemeente en aanvrager afspraken over deze zaken en over het onderhoud. De activiteiten vinden pas plaats nadat deze afspraken zijn vastgelegd.
Voor buurtbarbecues, straat-, buurt- of wijkfeest (of een vergelijkbaar initiatief) wordt alleen eten en drinken (excl. alcohol) vergoed. Vanaf het tweede jaar dat de activiteit wordt georganiseerd, moet hieraan gekoppeld een andere activiteit plaatsvinden die bijdraagt aan de doelstellingen zoals beschreven in lid 1 en 3 van dit artikel.
**8..** Het college bepaalt de hoogte van de subsidie op basis van de door het college noodzakelijk geachte subsidiabele kosten en neemt hierbij de volgende uitgangspunten in acht:
De subsidie bedraagt maximaal € 1.500,- per activiteit.
De subsidie bedraagt maximaal € 7,50 per deelnemer met een maximum van €500,- voor buurtbarbecues, straat-, buurt- of wijkfeest (of een vergelijkbaar initiatief). Vanaf het tweede jaar dat de activiteit wordt georganiseerd is dit maximaal € 250,-. De subsidie voor de gekoppelde activiteit is maximaal € 200,-.
De volgende wegingscriteria worden in acht genomen:
De financiële draagkracht. Subsidieverlening vindt alleen plaats als overige mogelijkheden voor het verkrijgen van inkomsten voldoende zijn benut en financiering door de gemeente noodzakelijk is. Subsidie is het sluitstuk. We verwachten van aanvragers dat zij hun draagkracht maximaal benutten door zich voldoende in te spannen om inkomsten te werven uit deelnemersbijdragen, contributie, entreeprijzen, donaties, fondsen en sponsoring, ect.
Doelmatigheid. Daarbij gaat het om de vraag of het subsidiebedrag aanvaardbaar is ten opzichte van wat daarmee bereikt wordt en of de budgetten efficiënt worden ingezet. We kijken bijvoorbeeld naar het aantal mensen dat bereikt wordt of deelneemt en uit welke doelgroep deze komen in verhouding tot de gevraagde subsidie.
**9..** Het subsidieplafond voor de in dit artikel genoemde activiteiten wordt jaarlijks vastgesteld door het college. Voor de verdeling van de subsidieplafonds wordt de algemene verdeelsleutel zoals beschreven in artikel 2 gehanteerd.
Hoofdstuk › Thema 3
Artikel 11.