Als de procedure leidt tot de beoordeling dat een individuele voorziening jeugdhulp nodig is wordt dit beschreven of geregistreerd in het gespreksverslag of ondersteuningsplan. Daarin staan de bevindingen uit het onderzoek, de gekozen oplossingsrichting, de concrete doelen, de afspraken, en de beoogde zorgaanbieder, zie artikel 2.4 Verslaglegging bij aanvraag individuele voorziening.
De hierboven bedoelde beoordeling met betrekking tot individuele voorziening wordt als Besluit vastgelegd in een formele, zorgvuldig voorbereide en voldoende gemotiveerde beschikking, als bedoeld in artikel 1:3, tweede lid, Algemene wet bestuursrecht, waartegen de mogelijkheid van bezwaar en beroep bestaat. In de beschikking worden geen doelen of te bereiken resultaten opgenomen. Deze staan in het gespreksverslag of ondersteuningsplan.
De beschikking wordt, namens het college, opgesteld door het Sociaal Team Jeugd.
Op het moment dat de beschikking aan de aanvrager en minderjarige, van zestien jaar en ouder, wordt verzonden, wordt door het Sociaal Team Jeugd tegelijk en met toestemming van de ouder:
een opdrachtbevestiging of afschrift van de beschikking verzonden aan de aanbieder indien de hulp in natura wordt ingezet.
het onderliggende ondersteuningsplan of gespreksverslag toegestuurd aan de zorgaanbieder;
een melding over het afgeven van de verstrekking doorgegeven aan de huisarts van het gezin.
Op grond van artikel 3a van de Verordening kunnen de huisarts, jeugdarts of medisch specialist rechtstreeks verwijzen naar door de gemeente gecontracteerde jeugdhulp.
De jeugdige en/of een ouder kan met de verwijzing rechtstreeks naar een aanbieder. Om zeker te weten welk aanbod bij welke aanbieder gecontracteerd is of om nader advies in te winnen, kan de jeugdige en/of een ouder of de verwijzer contact opnemen met de medewerker Sociaal Team Jeugd. Nadat de aanbieder een intake heeft gehad met de jeugdige en/of een ouder, meldt de aanbieder zich door middel van een ingevuld meldingsformulier. De aanbieder kan pas beginnen met het daadwerkelijk verlenen van hulp, zodra het Sociaal Team Jeugd een opdrachtbevestiging heeft verzonden aan de aanbieder. Op deze manier wordt voorkomen dat een niet gecontracteerde aanbieder of niet gecontracteerde hulp wordt ingezet na verwijzing en kunnen de budgetten bewaakt worden.
Een gecertificeerde instelling, kinderrechter of OM bepaalt of en welke jeugdhulp nodig is tijdens de uitvoering van de juridisch kinderbescherming maatregel. De gecertificeerde instelling, de kinderrechter of het openbaar ministerie is daarbij, indien mogelijk, gehouden aan de door de gemeente ingekochte jeugdhulp. Het Sociaal Team Jeugd heeft samenwerkingsafspraken met de Gecertificeerde Instellingen over het inzetten van hulp. De gecertificeerde instelling stemt bij de bepaling jeugdhulp af met het Sociaal Team Jeugd. Het Sociaal Team Jeugd is gehouden om de jeugdhulp in te zetten die deze partijen nodig achten om de opgelegde maatregel uit te kunnen voeren.
In dat geval kan de jeugdige en/of een ouder rechtstreeks met de uitvoerder van de jeugdbeschermingsmaatregel/ jeugdreclasseringsmaatregel naar de aanbieder, en wordt op dezelfde wijze het meldingsformulier en de opdrachtbevestiging / bepaling jeugdhulp gebruikt als bij de toegang via medici.
De zorgaanbieder die de spoedhulp uitvoert op advies van SEZ mag direct starten, zonder beschikking van de gemeente. De zorgaanbieder meldt de inzet van hulp direct en uiterlijk binnen vijf dagen bij het Sociaal Team Jeugd. De Sociaal Team Jeugd en zorgaanbieder van spoedhulp maken zo nodig met elkaar afspraken over de samenwerking tijdens het spoedhulptraject, met het oog op eventueel in te zetten vervolghulp. De bevestiging van het Sociaal Team Jeugd tot toekenning van de spoedhulp zal zo snel mogelijk na de melding van de start van de hulp in een beschikking worden toegestuurd.
Een besluit tot toekenning van een verstrekking heeft in principe een geldigheidsduur van één jaar. Dit geldt voor zowel een verstrekking in natura als een verstrekking van een persoonsgebonden budget. Het Sociaal team Jeugd kan op inhoudelijke gronden besluiten een verstrekking voor langere duur dan voor 1 jaar af te geven.
Een besluit tot toekenning van een individuele voorziening pleegzorg en een gezinshuis is tot 21 jaar en kan verlengd worden tot 23 jaar, als dat past bij het perspectief van de plaatsing.
Een besluit tot toekenning van een individuele voorziening als bedoeld in het eerste lid kan tussentijds worden aangepast op basis van een door de jeugdhulpaanbieder gewijzigd hulpverleningsplan. Het Sociaal Team Jeugd beoordeelt de noodzaak van een tussentijdse wijziging.
Een besluit tot toekenning van een individuele voorziening vervalt, indien de jeugdige of zijn ouders zich niet binnen zes maanden hebben gemeld bij een aanbieder voor jeugdhulp.
Een reeds verstrekte voorziening kan worden ingetrokken of aangepast als er sprake is van wijzigingen in de persoonlijke situatie van betrokkene of als er sprake is van een beleidswijziging. In dat laatste geval zal een redelijke overgangstermijn in acht worden genomen.
Naast de bepaling in artikel 7 van de Verordening omtrent nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking en terugvordering van een voorziening, geldt dat een besluit tussentijds kan worden gewijzigd op basis van een gewijzigd hulpverleningsplan van de jeugdhulpaanbieder of gewijzigd zorg- en budgetplan. De medewerker Sociaal Team Jeugd beoordeelt de noodzaak voor een tussentijdse wijziging en kan daarbij extra deskundigheid inschakelen.
Bij het aflopen van de maximale duur van het besluit wordt op verzoek van de jeugdige en/of een ouder opnieuw de ondersteuningsbehoefte van de jeugdige bepaald door de medewerker Sociaal Team Jeugd in samenspraak met het gezin en andere betrokkenen.
De jeugdige en/of ouder neemt acht weken voor de beoogde beëindiging van de hulp contact op met het Sociaal Team Jeugd en eventueel met de aanbieder om te bespreken of verlenging van de ingezette hulp nodig is. Het Sociaal Team Jeugd zal in overleg met de jeugdige en/of ouder, aanbieder en eventuele andere betrokkenen een besluit nemen met betrekking tot de noodzaak tot verlenging van de hulp. In het vrijwillig kader neemt het Sociaal Team jeugd een besluit op basis van de inhoudelijke beoordeling. Indien de hulp voortgezet moet worden, zal een nieuwe beschikking aan de ouder en/of jeugdige en aan de aanbieder verzonden worden.