De gemeente verzamelt alle voor het onderzoek van belang zijnde en toegankelijke gegevens over de persoon en zijn situatie en maakt zo spoedig mogelijk een afspraak voor een gesprek. De gemeente controleert of de persoon een ingezetene is van de gemeente.
De persoon moet de gemeente alle overige gegevens, die naar het oordeel van de gemeente voor het onderzoek nodig zijn en waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen, overhandigen.
Als de persoon bekend is bij de gemeente kan de gemeente, in overeenstemming met de betreffende persoon, afzien van een vooronderzoek.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1.3