Naar hoofdinhoud
Wanneer gebruikelijke hulp van een kind wordt verwacht, dan moet er onderzoek worden gedaan naar het vermogen van dit kind voor wat betreft het verrichten van huishoudelijk werk. Er moet rekening worden gehouden met wat op een bepaalde leeftijd als bijdrage van een kind mag worden verwacht, de ontwikkelingsfase van het kind en het feitelijke vermogen van het kind om een bijdrage te leveren. De inzet van kinderen mag niet ten koste gaan van hun welbevinden en ontwikkeling, waaronder de schoolprestaties. De volgende richtlijnen worden gehanteerd ten aanzien van gebruikelijke hulp van kinderen in het huishouden: Kinderen van 0 tot 5 jaar leveren geen bijdrage aan het huishouden Kinderen van 5 tot 12 jaar (naar eigen mogelijkheden) helpen met opruimen; helpen met tafel dekken en tafel afruimen; helpen met afwassen en afdrogen; helpen met in- en uitpakken van de vaatwasser; kunnen een boodschap doen; kunnen hun eigen kleding in de wasmand gooien. Kinderen van 12 tot 18 jaar kunnen dezelfde taken als kinderen van 5 tot 12 jaar verrichten; kunnen hun eigen kamer opruimen; kunnen hun eigen kamer stofzuigen; kunnen hun eigen bed verschonen; kunnen een huisgenoot begeleiden bij het maken van een wandeling.

Rechtspraak bij dit artikel