De persoon is in principe zelf verantwoordelijk voor het vervoer van en naar de aanbieder van de dagbesteding (OMD). Wanneer het voor de persoon niet mogelijk is om op eigen kracht of met behulp van zijn sociale netwerk zelf zijn eigen vervoer te regelen en het is niet mogelijk om gebruik te maken van een algemene voorziening of een algemeen gebruikelijke voorziening, dan kan er vervoer naar dagbesteding worden ingezet. Bij de indicatiestelling voor vervoer wordt er onderscheid gemaakt tussen mensen die in een rolstoel moeten worden vervoerd en overige.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.6