Om in aanmerking te komen voor vergoeding van de tegemoetkoming in een Voorschoolse educatie (VE)- of peuterplaats, wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
**1..** De houder registreert de aanwezigheid van de kinderen in een aanwezigheidsregistratiesysteem.
**2..** De houder registreert het recht op gemeentelijke tegemoetkoming met onderbouwing van de daarvoor benodigde stukken en houdt een deugdelijke administratie bij.
**3..** De houder beschikt over onderliggende gegevens en stelt deze op verzoek van het college beschikbaar:
**a..** de ondertekende plaatsingsovereenkomst tussen de houder en de ouder(s)/verzorger(s), waarin in ieder geval wordt aangegeven: de naam en het adres van de locatie, het aantal uren opvang per kind, de kostprijs per uur, de aanvangsdatum en (verwachte) einddatum van de opvang;
**b..** indien van toepassing: de naam en BSN van de (ex-)partner en, indien deze op een ander adres woont dan het adres van de ouder/verzorger, het adres van de (ex-)partner;
**c..** naam, BSN en geboortedatum van het kind of de kinderen;
**d..** de inkomensgegevens van de ouder(s)/verzorger(s), afkomstig van een actuele inkomensverklaring of kopie van de definitieve aangifte van de inkomstenbelasting van het voorgaande jaar;
**e..** gegevens waaruit blijkt dat de Tarieventabel correct is toegepast;
**f..** gegevens waaruit blijkt dat de ouder(s)/verzorger(s) geen recht heeft/hebben op kinderopvangtoeslag;
**g..** bewijs van de indicatiestelling voor voorschoolse educatie;
**4..** In aanvulling op het vorige lid kan het college overige gegevens opvragen, indien dat noodzakelijk is voor het beoordelen van de declaratie.
Artikel 8.
Voorwaarden tegemoetkoming VE-en peuterplaatsen
Onderdeel van Verordening voorschoolse educatie, peuterplaatsen en kinderopvang SMI Hollands Kroon, Augustus 2020