**1..** De subsidie wordt per kalenderjaar verleend op basis van een bedrag per instelling.
**2..** Aan de subsidieverlening zijn prestatie-eisen verbonden. Deze prestatie-eisen maken onderdeel uit van de beschikking voor de subsidieverlening en- vaststelling. Indien niet voldaan wordt aan de prestatie-eisen kan de subsidie lager worden vastgesteld.
**3..** Kosten dienen, naar het oordeel van het college, in verhouding te staan tot de te realiseren activiteiten.
**4..** Niet subsidiabel zijn:
kosten voor eten en drinken tenzij deze kosten onlosmakelijk verbonden zijn met de activiteit.
extra kosten voor uitbreiding of verplaatsing van de huisvesting; tenzij aangetoond kan worden dat uitbreiding of verplaatsing noodzakelijk is voor de uitvoering van de activiteit waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
aanschaf van gebruiksgoederen, tenzij aangetoond kan worden dat deze noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de activiteit waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
overige materiële investeringen, tenzij aangetoond kan worden dat deze noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de activiteit waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, dit ter beoordeling van het college.
loonkosten, bij subsidieontvangers waarop de Wet normering topinkomens van toepassing is, voor zover die de maximale hoogte van het bezoldigingsmaximum als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid van de Wet normering topinkomens per persoon per jaar overschrijden.
kosten bestemd voor uitbreiding van de activiteiten van de subsidieontvanger voor zover, naar het oordeel van het college, niet of onvoldoende is aangetoond dat uitbreiding noodzakelijk is.